Exmedica
 




Delen via:




Bestanden

    Home > Bestanden

Imipramine HCl ratiopharm 25 mg, dragees

Download: IB-tekst PDF
Registratienummer: RVG 50117
Registratiehouder: Ratiopharm


1.3.1 SAMENVATTING VAN DE PRODUKTKENMERKEN
7 PAGINA'S


1.
NAAM VAN HET GENEESMIDDEL

Imipramine HCl ratiopharm 25 mg, dragees.

2.
KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING

Per dragee: 25 mg imipraminehydrochloride.

3. FARMACEUTISCHE
VORM
Dragee.

4. KLINISCHE
GEGEVENS

4.1 Therapeutische
Indicaties

Imipramine HCl is bedoeld ter behandeling van:
-een episode van depressie in engere zin, in het bijzonder die met vitale kenmerken
-enuresis
nocturna.

4.2 Dosering en wijze van toediening



Bij
depressie

Volwassenen: aanvangsdosering 1-3 dragees per dag; vervolgens verhogen met 1 dragee
tot 6-8 dragees per dag.

Dit produkt is ongeschikt voor de behandeling van bejaarden.

Behandelingsduur
De respons zal bij behandeling met een doorgaans adequate dosering in de loop van 2-4
weken inzetten. Bij onvoldoende respons kan de dosering worden verhoogd tot de
maximale dosering. Wanneer dan na nog eens 2-4 weken geen respons optreedt, heeft
verdere voortzetting geen zin.
Bij voldoende reactie moet dezelfde dosering ten minste 4 weken worden gehandhaafd.
Daarna kan de dosering over het algemeen geleidelijk worden verminderd, bijvoorbeeld
tot de helft, tenzij de symptomen terugkeren.
De behandeling moet bij voorkeur worden voortgezet totdat de patiënt 4-6 maanden
volledig symptoomvrij is. Daarna kan worden uitgeslopen.


Bij enuresis nocturna

Kinderen vanaf 7 jaar: voor het slapen gaan 1 à 2 dragees.

Behandelingsduur

Na 2 maanden moet de dosering verlaagd worden en na enige tijd dient de behandeling
gestaakt te worden.


De voorgeschreven hoeveelheid innemen met een half glas water, eventueel met wat
voedsel. De dragees heel door-slikken.

4.3 Contra-indicaties

-overgevoeligheid voor tricyclische anti-depressiva uit de groep van
dibenzazepinederivaten
50117 SPC 20100614.doc
1
KdJ

1.3.1 SAMENVATTING VAN DE PRODUKTKENMERKEN
7 PAGINA'S

-acuut
myocardinfarct.


4.4 Speciale waarschuwingen en bijzondere voorzorgen bij gebruik

Voorzichtig doseren alsmede regelmatige en strenge controle is noodzakelijk bij:

- Suïcide/suïcidale gedachten of verergering van de aandoening
Depressie wordt geassocieerd met een verhoogd risico op suïcidale gedachten,
zelfverwonding en suïcide (aan suïcide gerelateerde gebeurtenissen). Dit risico blijft
bestaan tot een significante remissie optreedt. Omdat het mogelijk is dat gedurende de
eerste paar weken of langer geen verbetering optreedt, moeten patiënten zeer goed
gevolgd worden tot een dergelijke verbetering wel optreedt. Het is algemene klinische
ervaring dat het risico op suïcide in de vroege stadia van het herstel kan toenemen.

Van patiënten met een voorgeschiedenis van aan suïcide gerelateerde gebeurtenissen, of
patiënten die voorafgaand aan het begin van de behandeling een significante mate van
suïcidale ideeën vertonen, is bekend dat ze een groter risico lopen op het ontwikkelen
van suïcidale gedachten of suïcidepogingen en deze patiënten moeten tijdens de
behandeling zeer goed gevolgd worden. Een meta-analyse van placebo-gecontroleerde
klinische onderzoeken naar antidepressiva bij volwassen patiënten met psychiatrische
stoornissen toonde een toegenomen risico op suïcidaal gedrag bij het gebruik van
antidepressiva aan vergeleken met placebo bij patiënten jonger dan 25 jaar oud.

Patiënten, in het bijzonder hoog-risico patiënten, dienen nauwkeurig gevolgd te worden
tijdens behandeling met deze geneesmiddelen, in het bijzonder in het begin van de
behandeling en na dosisaanpassingen. Patiënten (en zorgverleners van patiënten) moeten
op de hoogte worden gebracht van de noodzaak om te letten op elke klinische
verergering, suïcidaal gedrag of suïcidale gedachten en ongewone gedragsveranderingen
en de noodzaak om onmiddellijk medisch advies in te winnen als deze symptomen zich
voordoen.
- epilepsie en organisch hersensyndroom
- lever- of nierfunctiestoornissen
- mictiestoornissen (bijv. prostaathypertrofie)
- hartaandoeningen, zoals geleidingsstoornissen, angina pectoris en recent
myocardinfarct in verband met inductie van aritmien, verlenging van de geleidingstijd
e.d.
- lage bloeddruk
- hyperthyreoïdie
- acuut nauwe-kamerhoekglaucoom, verhoogde intra-oculaire druk.


Verder moet rekening worden gehouden met:

Een mogelijke verergering van psychotische symptomen wanneer antidepressiva worden
toegepast bij patiënten met schizofrenie of andere psychotische stoornissen. Paranoïde
gedachten kunnen worden geïntensiveerd.
- Wanneer de depressieve fase van een manisch-depressieve psychose wordt behandeld,
kan deze overgaan in de manische fase.
- In verband met kans op suïcide, vooral in het begin van de behandeling, moet slechts een
beperkte hoeveelheid aan de patiënt worden meegegeven.
- Indien zich keelpijn, koorts en symptomen van influenza in de eerste tien weken van de
50117 SPC 20100614.doc
2
KdJ

1.3.1 SAMENVATTING VAN DE PRODUKTKENMERKEN
7 PAGINA'S

behandeling voordoen, verdient het sterk aanbeveling het bloedbeeld te controleren in
verband met mogelijke agranulocytose.
- Hoewel antidepressiva niet verslavend zijn, kan abrupt afbreken van de behandeling na
langdurige toediening misselijkheid, hoofdpijn en malaise teweegbrengen.
- Oudere patiënten zijn vaak gevoeliger voor antidepressiva, in het bijzonder komen
orthostatische hypotensie en anticholinerge bijwerkingen voor.

4.5 Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie

De sedatieve werking van antipsychotica, hypnotica, sedativa en anxiolytica,
antihistaminica en alcohol wordt versterkt, evenals de effecten van parasympathicolytica.
Alcohol dient te worden vermeden. De dosering van de genoemde geneesmiddelen dient
in voorkomende gevallen te worden verlaagd.

Imipramine heeft de eigenschappen van klasse I anti-arrhythmica. Voorzichtigheid is
geboden bij combinatie met anti-arrhythmica van deze klasse, betareceptorblokkerende
sympathicolytica of calciumantagonisten (calciuminstroomblokkerende middelen, met
name verapamil) vanwege een potentiërend effect op de AV-geleidingstijd en negatieve
inotropie. Bij combinatie met klasse I anti-arrhythmica en gelijktijdig kalium-uitdrijvende
diuretica dient men bedacht te zijn op een vertragend effect op de QT-tijd. De
serumkaliumconcentratie dient hierbij binnen normale grenzen te worden gehouden.

De bloeddrukverlagende werking van centraal werkende antihypertensiva, zoals
methyldopa en clonidine (ook reserpine), kan worden verminderd.

Orale anticonceptiva, fenytoïne, carbamazepine en barbituraten induceren door hun effect
op de lever een versnelling van het metabolisme van imipramine.

Anderzijds remmen o.a. cimetidine en een aantal antipsychotica dit metabolisme.


Imipramine kan in combinatie met thyreomimetica aanleiding geven tot verschijnselen van
hyperthyreodie. Overigens kunnen thyreomimetica het antidepressieve effect versterken.

Het metabolisme van levodopa in de darm wordt versneld, mogelijk door vertraging van
de peristaltiek.

Imipramine moet bij voorkeur niet worden gecombineerd met MAO-remmers vanwege het
gevaar van interacties. Het gevaar bestaat hiervoor tot ongeveer 14 dagen na het staken
van de behandeling met een MAO-remmer.

4.6 Gebruik bij zwangerschap en het geven van borstvoeding



Gebruik bij zwangerschap

Over het gebruik van deze stof in de zwangerschap bij de mens bestaan onvoldoende
gegevens om de mogelijke schadelijkheid te beoordelen.

Over de effecten in de dierproef bestaan onvoldoende

gegevens om de mogelijke schadelijkheid te beoordelen.

Het gebruik tijdens de zwangerschap wordt ontraden, tenzij de arts dit nadrukkelijk
adviseert.


Gebruik tijdens borstvoeding

Imipramine gaat over in de moedermelk. Het gebruik tijdens het geven van borstvoeding
dient daarom te worden vermeden.

4.7 Beïnvloeding van de rijvaardigheid en het vermogen om machines te gebruiken
50117 SPC 20100614.doc
3
KdJ

1.3.1 SAMENVATTING VAN DE PRODUKTKENMERKEN
7 PAGINA'S


Personen die uit hoofde van hun functioneren bij voortduring goed moeten kunnen
waarnemen en de beschikking moeten hebben over de volledige motoriek van hun
ledematen moeten worden gewaarschuwd dat hun capaciteiten in deze beïnvloed worden
door sedatie.

4.8 Bijwerkingen


- orthostatische hypotensie
-
tachycardie

- prikkelgeleidingsstoornissen, soms overgaand in aritmieën of hartblock

- verminderde contractiliteit
-
sedatie

- verwardheid, agitatie, soms overgaand in delier of centraal anticholinerg syndroom
- manie; soms zijn gemeld insulten, tremor, myoclonus, agressieve uitbarstingen,
verergering van wanen en expressieve afasie

- droge mond
- visus-/accomodatiestoornissen, soms glaucoom
- obstipatie, af en toe komen voor darmperforatie, paralytische ileus en hiatus hernia
- misselijkheid, braken, soms diarree
- maagdarmspasmen
- mictiestoornissen, soms overgaand in volledige urineretentie
- vertraagd orgasme bij vrouwen
- ejaculatiestoornissen
- verminderde potentie
- gewichtstoename, incidenteel verstoorde secretie van ADH
- eosinofilie, leukopenie, zelden agranulocytose
- diffuse enzymverhogingen, soms intrahepatische cholestase
- transpiratie
- exantheem is af en toe gemeld.

Klasse-effecten
Epidemiologische studies, voornamelijk bij patiënten van 50 jaar en ouder, laten bij
patiënten die SSRI's en TCA's krijgen een hoger risico op botfracturen zien. Het
mechanisme dat dit hogere risico veroorzaakt is onbekend.

Een aantal verschijnselen kan ook een symptoom van een depressie zijn, zoals
geremdheid, droge mond, obstipatie, tremor en duizeligheid.

Er zijn gevallen van suïcidale ideevorming en suïcidaal gedrag gemeld tijdens de
behandeling met Imipramine HCl ratiopharm of vlak na het stoppen van de behandeling
(zie rubriek 4.4).

4.9 Overdosering
Symptomen

Opwinding, rusteloosheid, hallucinaties, ataxie, dysartrie, tonisch-clonische krampen
(convulsies), gevolgd door een zich snel ontwikkelend coma. Hypo- of hyperreflexie.

Ademhalingsdepressie, hypoxie, hypo- of hyperthermie, hypotensie.

Anticholinerge effecten: mydriasis, droge warme huid, droge slijmvliezen, verminderde
50117 SPC 20100614.doc
4
KdJ

1.3.1 SAMENVATTING VAN DE PRODUKTKENMERKEN
7 PAGINA'S

darmperistaltiek, urineretentie, tachycardie.

Daarnaast kunnen ernstige cardiale symptomen optreden, zoals supraventriculaire of
ventriculaire ritmestoornissen, geleidingsstoornissen en afname van de contractiliteit met
als mogelijk gevolg cardiogene shock.

De klachten zijn gewoonlijk maximaal na 24 uur verdwenen, maar zij kunnen 4-6 dagen
blijven bestaan, vooral wanneer de resorptie is vertraagd door een verminderde
darmperistaltiek.

Behandeling

In verband met de ernst van de intoxicatie is opname noodzakelijk op een intensive care-
afdeling.

Indien mogelijk de patiënten laten braken, gevolgd door toediening van geactiveerde kool
en een osmotisch werkend laxans (zoals natriumsulfaat). Maagspoelen kan ook langer dan
12 uur na inname nog zinvol zijn. Bij gedaald bewustzijn eerst intuberen. Daarna
geactiveerde kool en een osmotisch werkend laxans in de maag achterlaten.

In verband met de entero-enterale kringloop kan de toe-

diening van geactiveerde kool regelmatig worden herhaald.

De behandeling is verder symptomatisch en ondersteunend.

Indien nodig kan dopamine of isoprenaline worden gegeven. Toediening van lidocaïne of
propranolol bij ectopische ritmestoornissen kan gevaarlijk zijn, aangezien bij latere
progressie van de intoxicatie een derdegraad AV-block kan ontstaan. De patiënt kan dan
overlijden ten gevolge van onderdrukking van ectopische foci. Alleen bij zeer ernstige
ritmestoornissen kunnen anti-arrhythmica worden toegepast.

Aangezien fysostigmine de kans op het optreden van convulsies verhoogt, wordt het
gebruik hiervan ontraden.

Bij convulsies kan diazepam worden toegediend.

Hemodialyse en geforceerde diurese zijn niet zinvol, aan-gezien tricyclische
antidepressiva o.a. een zeer groot verdelingsvolume hebben.

5.
FARMACOLOGISCHE EIGENSCHAPPEN

5.1 Farmacodynamische
eigenschappen



Algemeen

Imipramine is een tricyclisch antidepressivum.

Imipramine kan worden aangewend ter behandeling van een episode van een depressie in
engere zin. Aanwezigheid van vitale kenmerken, zoals anhedonie, psychomotorische
remming, doorslaapstoornissen (vroeg ontwaken) en gewichtsverlies, vergroten de kans op
een positieve respons. Overige vitale kenmerken zijn: interesse
verlies, suïcidale
gedachten en dagschommeling ('s avonds een betere stemming dan 's morgens). De
werking begint over het algemeen pas na 1-2 weken merkbaar te worden.


Farmacodynamiek

Imipramine remt voornamelijk de heropname van serotonine, de metabolieten werken
sterker remmend op de heropname van noradrenaline.


Imipramine heeft een duidelijk antihistaminerg en anticholinerg effect.

50117 SPC 20100614.doc
5
KdJ

1.3.1 SAMENVATTING VAN DE PRODUKTKENMERKEN
7 PAGINA'S


Desipramine is de belangrijkste actieve metaboliet van imipramine. Het remt voornamelijk
de heropname van noradrenaline, de anticholinerge en sederende activiteit is relatief zwak.

5.2
Farmacokinetische
eigenschappen



absorptie:

Na orale toediening wordt imipramine snel en volledig geabsorbeerd.

Maximale plasmaspiegels worden binnen 2 uur na in nemen bereikt, na intramusculaire
toediening binnen 30 minuten.



distributie:

De plasma-eiwitbinding bedraagt ongeveer 95%.

Zowel imipramine als desipramine gaan over in de moedermelk.

biotransformatie:

Imipramine wordt tijdens de eerste passage door de lever voor een belangrijk deel
gedemethyleerd tot het farmacologisch actieve desipramine.

De verhouding van de plasmaconcentraties van imipramine/ desipramine varieert van 0,1-
3.

De plasmahalfwaardetijd is gemiddeld 8 uur en varieert van 4-18 uur.

eliminatie:

Ongeveer 40% van de dosis wordt binnen 24 uur in de vorm van inactieve metabolieten
met de urine uitgescheiden, ongeveer 70% binnen 72 uur. Een kleine hoeveelheid wordt in
de gal en met de faeces uitgescheiden.


Een optimaal antidepressief effect treedt op bij een plasmaspiegel van imipramine plus
desipramine van 0,15-0,3 mg/l. Toxische spiegels liggen boven 0,4 mg/ml.

6. FARMACEUTISCHE
GEGEVENS

6.1 Lijst van hulpstoffen



Acaciae
gummi
Calcii
carbonas

Eudragit E 100
Lactosum
Magnesii
stearas
Maydis
amylum
Methylis
parahydroxy
benzoas
Opaglos
6000

Opalux AS-3609, bruin
Polyvinylpyrrolidonum


Primojel (Sodium Starch Glycolate
Saccharum
Talcum
Titanii
dioxidum

50117 SPC 20100614.doc
6
KdJ

1.3.1 SAMENVATTING VAN DE PRODUKTKENMERKEN
7 PAGINA'S


6.2
Gevallen van onverenigbaarheid

Niet
bekend.


6.3 Houdbaarheid

5 jaar bij kamertemperatuur (15-25ºC) in polypropyleen kokers en in PVC/Al strips.

Het geneesmiddel kan worden gebruikt tot de op de verpakking vermelde datum.


6.4
Speciale voorzorgsmaatregelen bij opslag

Droog, bij kamertemperatuur (15-25ºC) bewaren in de goed gesloten, originele
verpakking.


6.5
Aard en inhoud van de verpakking
Koker met 1000 dragees.
Doosje met 50 (10 doordrukstrips à 5) dragees (EAV-verpakking).

6.6 Gebruiksaanwijzing/verwerkingsinstructies

Niet van toepassing.


7.
Naam en permanent adres of officiële vestigingsplaats van de houder van de
vergunning voor het in de handel brengen

ratiopharm Nederland bv, Florapark 4, 2012 HK Haarlem, Nederland

8.
Nummer van de vergunning voor het in de handel brengen

In het register ingeschreven onder RVG 50117

9.
Datum van goedkeuring/vernieuwing van de vergunning
27 oktober 1992

10.
Datum van herziening van de samenvatting
Gedeeltelijke herziening betreft rubriek 1&6.7:14 februari 2005
Gedeeltelijke herziening betreft rubriek 4.4&4.8: 8 april 2008
Laatste gedeeltelijke herziening betreft rubriek 4.8: 19 juli 2010
50117 SPC 20100614.doc
7
KdJ





« Vorige

[Imipramine HCl CF 25 mg, omhulde tabletten]

Volgende »

[Imipramine HCl ratiopharm 25 mg, dragees]