Exmedica
 




Delen via:




Bestanden

    Home > Bestanden

Nexium 10 mg, maagsapresistent granulaat voor orale suspensie

Download: IB-tekst PDF
Registratienummer: RVG 107756//101600
Registratiehouder: Medcor Pharmaceuticals


Nexium
10
mg
Sachet

SPC


SAMENVATTING VAN DE PRODUCTKENMERKEN

Nexium ® 10 mg Sachet
esomeprazol


1.
NAAM VAN HET GENEESMIDDEL

Nexium 10 mg Sachet, maagsapresistent granulaat voor orale suspensie


2.
KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING

Elke sachet bevat: 10 mg esomeprazol (als magnesium trihydraat).
Hulpstoffen: Sucrose 6,8 mg en glucose 2,8 g.



Voor een volledige lijst van hulpstoffen, zie rubriek 6.1.


3. FARMACEUTISCHE
VORM

Maagsapresistent granulaat voor orale suspensie, sachet



Kleine lichtgele granules. Bruinkleurige granules kunnen zichtbaar zijn.


4. KLINISCHE
GEGEVENS
4.1 Therapeutische
indicaties

Nexium orale suspensie is primair geïndiceerd voor de behandeling van GORZ bij kinderen van
1-11 jaar.



Gastro-oesofageale refluxziekte (GORZ)

· behandeling van endoscopisch vastgestelde erosieve refluxoesofagitis;

· behandeling van symptomen van gastro-oesofageale refluxziekte (GORZ).



Nexium orale suspensie kan ook worden gebruikt door patiënten die problemen hebben bij het
slikken van gedispergeerde Nexium maagsapresistente tabletten. Voor indicaties bij patiënten
vanaf 12 jaar wordt verwezen naar de Samenvatting van de Productkenmerken van Nexium
maagsapresistente tabletten.


4.2 Dosering en wijze van toediening

Voor een dosis van 10 mg: Leeg de inhoud van een 10 mg sachet in een glas gevuld met 15 ml
water. Voor een dosis van 20 mg: Leeg de inhoud van twee 10 mg sachets in een glas dat is
gevuld met 30 ml water. Gebruik geen water met koolzuur. Roer het mengsel totdat de granules
zijn gedispergeerd en laat het een paar minuten staan om in te dikken. Roer nogmaals en drink
het mengsel binnen 30 minuten op. De granules mogen niet worden gekauwd of fijngemalen.
Spoel na met 15 ml water om alle granules binnen te krijgen.



Voor patiënten met een neus- of maagsonde: zie rubriek 6.6 voor instructies voor gebruik en
toediening.



Kinderen van 1-11 jaar met een lichaamsgewicht 10 kg

Gastro-oesofageale refluxziekte (GORZ)

· Behandeling van endoscopisch vastgestelde erosieve refluxoesofagitis


Lichaamsgewicht 10- <20 kg: 10 mg, eenmaal daags gedurende 8 weken


Lichaamsgewicht 20 kg: 10 mg of 20 mg, eenmaal daags gedurende 8 weken



1




Nexium
10
mg
Sachet

SPC



· behandeling van symptomen van gastro-oesofageale refluxziekte (GORZ)


10 mg, eenmaal daags, tot 8 weken




Doseringen van meer dan 1 mg/kg/dag zijn niet onderzocht.



Volwassenen en jongvolwassenen vanaf 12 jaar

Voor dosering bij patiënten vanaf 12 jaar wordt verwezen naar de Samenvatting van de
Productkenmerken van Nexium maagsapresistente tabletten.



Kinderen jonger dan 1 jaar of < 10 kg

Nexium dient niet te worden gebruikt bij kinderen jonger dan 1 jaar of bij kinderen < 10 kg
omdat hierover geen gegevens beschikbaar zijn.



Verminderde nierfunctie

Bij patiënten met een verminderde nierfunctie is aanpassing van de dosering niet nodig.
Patiënten met een ernstig gestoorde nierfunctie dienen, vanwege de beperkte ervaring, met
voorzichtigheid te worden behandeld (zie ook rubriek 5.2).



Verminderde leverfunctie

Bij patiënten met een mild tot matig gestoorde leverfunctie is aanpassing van de dosering niet
nodig. Bij patiënten 12 jaar met een ernstig verminderde leverfunctie dient een maximale
dosering van 20 mg niet overschreden te worden. Bij kinderen van 1-11 jaar met een ernstig
verminderde leverfunctie dient een maximale dosering van 10 mg niet overschreden te worden
(zie ook rubriek 5.2).


4.3 Contra-indicaties

Bekende overgevoeligheid voor esomeprazol, gesubstitueerde benzimidazolen of een van de
andere hulpstoffen van het product.

Esomeprazol mag, niet tegelijk met nelfinavir worden gegeven (zie ook rubriek 4.5).


4.4 Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik

Bij alarmsymptomen (zoals bijvoorbeeld fors en onbedoeld gewichtsverlies, veelvuldig braken,
dysfagie, haematemesis of melaena) en bij een vermoed of aanwezig ulcus ventriculi, moet een
maligne aandoening worden uitgesloten. Behandeling met Nexium kan namelijk de klachten
verlichten en de diagnose mogelijk vertragen.



Patiënten op onderhoudsbehandeling met Nexium (met name langer dan 1 jaar) moeten met
enige regelmaat worden gevolgd. Onderhoudsbehandeling is geïndiceerd bij volwassenen en
kinderen vanaf 12 jaar (zie rubriek 4.1).



Patiënten die esomeprazol zo nodig (`on demand') gebruiken, moeten worden aangeraden
contact op te nemen met hun arts, indien de aard van hun klachten verandert. `On demand'
behandeling is niet onderzocht bij kinderen en is daarom niet aanbevolen bij deze patiëntgroep.
Wanneer esomeprazol als zo nodig (`on demand') behandeling wordt voorgeschreven, moet
men rekening houden met interacties met andere geneesmiddelen, omdat bij zo nodig (`on
demand') behandeling de plasmaconcentratie van esomeprazol kan fluctueren (zie ook rubriek
4.5).



Dit geneesmiddel bevat sucrose en glucose. Patiënten met de zeldzame erfelijke ziekten zoals
fructose-intolerantie, glucose-galactose malabsorptie of sucrase-isomaltase insufficiëntie wordt
afgeraden dit geneesmiddel te gebruiken.
2




Nexium
10
mg
Sachet

SPC





Gelijktijdige toediening van esomeprazol met atazanavir wordt niet aangeraden (zie rubriek
4.5). Wanneer de combinatie van atazanavir met een protonpompremmer niet kan worden
vermeden, wordt nauwkeurige klinische controle in combinatie met verhoging van de dosering
van atazanavir tot 400 mg samen met 100 mg ritonavir aanbevolen. De dosering van
esomeprazol 20 mg dient niet te worden overschreden.


4.5 Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie

Effect van esomeprazol op de farmacokinetiek van andere geneesmiddelen

Geneesmiddelen met pH afhankelijke absorptie

Vanwege de verminderde hoeveelheid zuur in de maag door behandeling met Nexium, kan de
absorptie van geneesmiddelen waarbij de absorptie afhankelijk is van de pH in de maag toe- of
afnemen. Net als bij andere maagzuurremmers of antacida betekent dit, dat de absorptie van
ketoconazol en itraconazol verminderd kan zijn tijdens gelijktijdige behandeling met Nexium.



Er zijn meldingen van interacties van omeprazol met enkele proteaseremmers. De klinische
relevantie en de mechanismen van deze gemelde interacties zijn niet altijd bekend. Verhoging
van de intragastrische pH tijdens behandeling met omeprazol zou de absorptie van de
proteaseremmers kunnen beïnvloeden. Andere mogelijke interactiemechanismen verlopen via
remming van CYP 2C19. Voor atazanavir en nelfinavir zijn verlaagde serumspiegels
gerapporteerd bij gelijktijdige toediening met omeprazol en gelijktijdige toediening wordt niet
aanbevolen.
Gelijktijdige toediening van omeprazol (40 mg eenmaal daags) met atazanavir 300 mg/ritonavir
100 mg aan gezonde vrijwilligers had een aanzienlijke verlaging van de atazanavir blootstelling
tot gevolg (ongeveer 75% afname in de AUC, Cmax en Cmin). Verhoging van de dosis atazanavir
tot 400 mg compenseerde niet voor het effect van omeprazol op de atazanavir blootstelling.
Gelijktijdige toediening van omeprazol (20 mg eenmaal daags) met atazanavir 400 mg/ritonavir
100 mg aan gezonde vrijwilligers leidde tot een vermindering van ongeveer 30% van de
atazanavir blootstelling in vergelijking met de waargenomen blootstelling bij atazanavir 300
mg/ritonavir 100 mg eenmaal daags zonder omeprazol 20 mg eenmaal daags. Gelijktijdige
toediening van omeprazol (40 mg eenmaal daags) verminderde de gemiddelde AUC, Cmax and
Cmin van nelfinavir met 36­39 % en de gemiddelde AUC, Cmax en Cmin van de farmacologisch
actieve metaboliet M8 was verminderd met 75-92%. Voor saquinavir (gelijktijdig toegediend
met ritonavir), zijn verhoogde serumspiegels (80-100%) gemeld tijdens gelijktijdige toediening
met omeprazol (40 mg eenmaal daags). Behandeling met omeprazol 20 mg eenmaal daags had
geen effect op de blootstelling aan darunavir (met gelijktijdige toediening van ritonavir) en
amprenavir (met gelijktijdige toediening van ritonavir). Behandeling met esomeprazol 20 mg
eenmaal daags had geen effect op de blootstelling aan amprenavir (met en zonder gelijktijdige
toediening van ritonavir). Behandeling met omeprazol 40 mg eenmaal daags had geen effect op
de blootstelling aan lopinavir (met gelijktijdige toediening van ritonavir).Vanwege de
vergelijkbare farmacodynamische effecten en farmacokinetische eigenschappen van omeprazol
en esomeprazol, wordt gelijktijdige toediening van esomeprazol en atazanavir niet aanbevolen
en is gelijktijdige toediening van esomeprazol met nelfinavir gecontraïndiceerd.



Geneesmiddelen die worden omgezet door CYP2C19

Esomeprazol inhibeert CYP2C19, het belangrijkste enzym in het metabolisme van esomeprazol.
Dit betekent dat wanneer esomeprazol wordt gecombineerd met andere middelen die eveneens
via CYP2C19 worden afgebroken, zoals diazepam, citalopram, imipramine, clomipramine,
fenytoïne, etc, de plasmaconcentraties van deze middelen kunnen toenemen. Een verlaging van
de dosering kan dan nodig zijn. Hiermee moet met name bij zo nodig (`on demand')
behandeling rekening worden gehouden. Gelijktijdige toediening van 30 mg esomeprazol met
3




Nexium
10
mg
Sachet

SPC


diazepam leidde tot een afname van 45% van de diazepamklaring door CYP2C19. Gelijktijdige
toediening van 40 mg esomeprazol en fenytoïne resulteerde in een verhoging van de dal-
plasmaspiegels van fenytoïne met 13% bij epileptische patiënten. Het wordt aangeraden de
plasmaspiegels van fenytoïne te controleren wanneer met de behandeling met esomeprazol
wordt begonnen of gestopt. Omeprazol (40 mg éénmaal daags) verhoogt de Cmax en AUC van
voriconazol (een CYP2C19 substraat) met respectievelijk 15% en 41%.



In een klinische studie liet gelijktijdige toediening van 40 mg esomeprazol en warfarine zien dat
de coagulatietijden binnen acceptabele grenzen vielen. Echter, sinds het op de markt is, werden
enkele geïsoleerde gevallen van klinisch significant verhoogd INR gemeld bij gelijktijdige
toediening. Het wordt daarom aanbevolen om patiënten, bij het initiëren en beëindigen van
gelijktijdige toediening van esomeprazol gedurende behandeling met warfarine of andere
coumarine derivaten, nauwlettend te volgen.



Bij gezonde vrijwilligers veroorzaakte gelijktijdige toediening van 40 mg esomeprazol en
cisapride een verhoging van de AUC van cisapride van 32% en een toename van 31% van de
eliminatiehalfwaardetijd (t½), maar geen significante verhoging van de piek-plasmaspiegels van
cisapride. De geringe verlenging van het QTc-interval, die gezien werd na toediening van enkel
cisapride, werd niet verder verlengd wanneer cisapride in combinatie met esomeprazol werd
gegeven.



Voor esomeprazol is aangetoond dat het geen klinisch relevant effect heeft op de
farmacokinetiek van amoxicilline of kinidine.



Gedurende korte termijn studies waarin de gelijktijdige toediening van esomeprazol met òf
naproxen òf rofecoxib werd bekeken, konden geen enkele klinische relevante farmacokinetische
interacties worden vastgesteld.



Effecten van andere geneesmiddelen op de farmacokinetiek van esomeprazol

Esomeprazol wordt omgezet door CYP2C19 en CYP3A4. Gelijktijdige toediening van
esomeprazol en het CYP3A4-inhiberende claritromycine (tweemaal daags 500 mg) leidde tot
een verdubbeling van de AUC van esomeprazol. Gelijktijdige toediening van esomeprazol en
stoffen die zowel CYP2C19 als CYP3A4 inhiberen, kan leiden tot een verdubbeling van de
AUC van esomeprazol. Het CYP2C19 enCYP3A4-inhiberende voriconazol verhoogde de AUC
van omeprazol met 280%. Een aanpassing van de dosering van esomeprazol is gewoonlijk niet
nodig in deze gevallen. Aanpassing van de dosering dient echter wel te worden overwogen voor
patiënten met een ernstig verminderde leverfunctie en indien langdurige behandeling wordt
voorgeschreven. Onderhoudsbehandeling is geïndiceerd bij volwassenen en kinderen vanaf 12
jaar (zie rubriek 4.1).


4.6 Zwangerschap en borstvoeding

Er zijn onvoldoende klinische gegevens over Nexium tijdens de zwangerschap. Voor het
racemisch mengsel omeprazol zijn er gegevens, afkomstig uit epidemiologische studies, over
een groter aantal blootgestelde zwangerschappen. Deze gaven geen aanwijzingen voor
misvorming of foetotoxische effecten. Tijdens dierstudies zijn geen aanwijzingen gevonden
voor directe of indirecte schadelijke effecten met betrekking tot de embryonale/foetale
ontwikkeling. Directe of indirecte schadelijke effecten op zwangerschap, bevalling of postnatale
ontwikkeling zijn niet gezien in dierstudies met het racemisch mengsel (omeprazol). Bij het
voorschrijven van Nexium aan zwangere vrouwen moet voorzichtigheid in acht worden
genomen.


4




Nexium
10
mg
Sachet

SPC



Het is niet bekend of esomeprazol in de moedermelk wordt uitgescheiden. Er zijn geen studies
uitgevoerd bij vrouwen die borstvoeding geven. Nexium dient daarom niet te worden gebruikt
gedurende de periode waarin borstvoeding wordt gegeven.


4.7 Beïnvloeding van de rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen

Er is geen effect waargenomen.


4.8 Bijwerkingen

De navolgende (vermoedelijke) bijwerkingen zijn gerapporteerd gedurende het klinisch
onderzoeksprogramma voor esomeprazol en postmarketing gegevens. Geen enkele bijwerking
bleek dosisgerelateerd. De bijwerkingen zijn ingedeeld naar frequentie: vaak (1/100 tot <1/10);
soms (1/1.000 tot <1/100); zelden (1/10.000 tot <1/1.000); zeer zelden (< 1/10.000).



Algemene aandoeningen en toedieningsplaatsstoornissen

Zelden: malaise; toegenomen transpiratie.



Ademhalingsstelsel-, borstkas- en mediastinumaandoeningen

Zelden: bronchospasmen.



Bloed- en lymfestelselaandoeningen

Zelden: leukopenie; trombocytopenie.

Zeer zelden: agranulocytose; pancytopenie.



Zenuwstelselaandoeningen

Vaak: hoofdpijn.

Soms: duizeligheid; paresthesie; slaperigheid.

Zelden: smaakstoornis.



Immuunsysteemaandoeningen

Zelden: overgevoeligheidsreacties waaronder koorts, angio-oedeem en anafylactische
reactie/shock.



Huid- en onderhuidaandoeningen

Soms: dermatitis; pruritus; huiduitslag; urticaria.

Zelden: alopecia; fotosensibiliteit.

Zeer zelden: erythema multiforme; Stevens-Johnsonsyndroom; toxische epidermale necrolyse
(TEN).



Lever- en galaandoeningen

Soms: toename in leverenzymen.

Zelden: hepatitis met of zonder geelzucht.

Zeer zelden: leverinsufficiëntie; encefalopathie bij patiënten met een al bestaande leverziekte.



Maagdarmstelselaandoeningen

Vaak: abdominale pijn; obstipatie; diarree; flatulentie; misselijkheid/braken.

Soms: droge mond.

Zelden: stomatitis; gastro-intestinale candidiasis.



Voedings- en stofwisselingsstoornissen

Soms: perifeer oedeem.

Zelden: hyponatriëmie.
5




Nexium
10
mg
Sachet

SPC





Skeletspierstelsel- en bindweefselaandoeningen

Zelden: gewrichtspijn; myalgie.

Zeer zelden: spierzwakte.



Nier- en urinewegaandoeningen

Zeer zelden: interstitiële nefritis.



Psychische stoornissen

Soms: slapeloosheid.

Zelden: onrust; verwardheid; depressie.

Zeer zelden: agressie; hallucinaties.



Voortplantingsstelsel- en borstaandoeningen:

Zeer zelden: gynaecomastie.



Oogaandoeningen

Soms: visusstoornis.



Evenwichtsorgaan- en ooraandoeningen

Soms: vertigo.


4.9 Overdosering

Er is een zeer beperkte ervaring met betrekking tot opzettelijke overdosering. De symptomen,
beschreven bij een opzettelijke overdosering met 280 mg esomeprazol, waren gastro-intestinale
symptomen en gevoel van zwakte. Eénmalige doseringen van 80 mg esomeprazol verliepen
zonder nadelige gevolgen. Er is geen specifiek antidotum bekend. Esomeprazol heeft een hoge
plasma-eiwitbinding en kan daarom niet gedialyseerd worden. Zoals in alle gevallen van
overdosering, is de behandeling van overdosering ondersteunend en symptomatisch.


5. FARMACOLOGISCHE
EIGENSCHAPPEN
5.1 Farmacodynamische
eigenschappen

Pharmacotherapeutische groep: protonpompremmer

ATC Code: A02B C05



Esomeprazol is de S-isomeer van omeprazol en remt de maagzuursecretie door een specifiek
werkingsmechanisme. Het is een specifieke remmer van de zuurpomp in de pariëtale cel. De R-
en de S-isomeer van omeprazol hebben vergelijkbare farmacodynamische activiteit.



Werkingsmechanisme en plaats van werking

Esomeprazol is een zwakke base en wordt geconcentreerd en omgezet tot de actieve vorm in het
sterk zure milieu van de secretoire canaliculi van de pariëtale cel, waar het enzym H+/K+-
ATPase (de zuurpomp) wordt geremd. Esomeprazol remt zowel de basale als de gestimuleerde
maagzuursecretie.




Effect op de maagzuursecretie

Na orale toediening van 20 mg en 40 mg esomeprazol treedt effect binnen een uur op. De
gemiddelde piek-zuurproductie na pentagastrinestimulatie daalde met 90%, wanneer na
herhaalde toediening gedurende 5 dagen van eenmaal daags 20 mg esomeprazol, werd gemeten
op dag vijf 6-7 uur na dosering.
6




Nexium
10
mg
Sachet

SPC





Na 5 dagen orale dosering van 20 en 40 mg esomeprazol, werd de pH in de maag gedurende
gemiddeld 13 resp. 17 van de 24 uur boven de 4 gehouden bij patiënten met symptomatische
refluxziekte (GORZ). 20 mg esomeprazol houdt bij respectievelijk 76%, 54% en 24% van de
patiënten gedurende minimaal 8, 12 en 16 van de 24 uur de pH boven de 4. De overeenkomstige
percentages voor 40 mg esomeprazol zijn 97%, 92% en 56%.



Gebruik makend van de AUC als surrogaat parameter voor de plasmaconcentratie, is een relatie
met de remming van de maagzuursecretie aangetoond.



Therapeutische effecten van zuurremming

Esomeprazol 40 mg geneest ongeveer 78% van de patiënten met reflux oesofagitis na 4 weken
en 93% na 8 weken.



Andere effecten van zuurremming

Tijdens behandeling met maagzuurremmende middelen stijgt de serumgastrinespiegel als reactie
op de verminderde zuursecretie.



Bij enkele patiënten op onderhoudsbehandeling met esomeprazol is een toename van het aantal
ECL cellen gezien, hetgeen mogelijk samenhangt met de toegenomen serumgastrinespiegel.



Tijdens onderhoudsbehandeling met maagzuurremmende middelen is een iets verhoogde
frequentie van maagkliercysten gerapporteerd. Deze zijn goedaardig, lijken reversibel en zijn
een fysiologisch gevolg van sterke zuurremming.



Gastro-oesofageale refluxziekte (GORZ) bij kinderen van 1-11 jaar

In een multi-centrum, parallelle groep studie zijn 109 pediatrische patiënten (1-11 jaar oud) met
endoscopisch bewezen GORZ éénmaal daags gedurende 8 weken behandeld met NEXIUM om
de veiligheid en verdraagzaamheid te onderzoeken. De dosering naar lichaamsgewicht van de
patiënt was als volgt:



Lichaamsgewicht <20 kg: éénmaal daags behandeld met esomeprazol 5 mg of 10 mg

Lichaamsgewicht > 20 kg: éénmaal daags behandeld met esomeprazol 10 mg of 20 mg



Bij deze patiënten werd endoscopisch vastgesteld of er sprake was van erosieve oesofagitis of
niet.



Bij de uitgangssituatie hadden 53 patiënten erosieve oesofagitis. Van de 45 patiënten die het
onderzoek vervolgden was bij 43 (93,3%) patiënten de erosieve oesofagitis genezen.


5.2 Farmacokinetische
eigenschappen

Absorptie en distributie

Esomeprazol is zuurlabiel en wordt daarom oraal toegediend als granules met maagsapresistente
coating. In-vivo conversie naar de R-isomeer is verwaarloosbaar. Esomeprazol wordt snel
geabsorbeerd; de piek-plasmaspiegel treedt ongeveer 1-2 uur na toediening op. De absolute
biologische beschikbaarheid is 64% na enkelvoudige dosering van 40 mg esomeprazol en neemt
toe tot 89% na herhaalde, eenmaal daagse toediening. Voor 20 mg esomeprazol zijn de
overeenkomstige waarden respectievelijk 50% en 68%. Het schijnbare verdelingsvolume tijdens
`steady-state' is bij gezonde proefpersonen ongeveer 0,22 l/kg lichaamsgewicht. Esomeprazol is
voor 97% aan plasma-eiwit gebonden.


7




Nexium
10
mg
Sachet

SPC



Hoewel voedselinname de absorptie van esomeprazol vertraagt en vermindert, heeft dit geen
significante invloed op het effect van esomeprazol op de zuurgraad in de maag.



Metabolisme en uitscheiding

Esomeprazol wordt volledig gemetaboliseerd door het cytochroom P450 systeem (CYP). Het
grootste gedeelte van het metabolisme is afhankelijk van het polymorfe enzym CYP2C19, dat
verantwoordelijk is voor de vorming van de hydroxy- en demethylmetabolieten van
esomeprazol. Het resterende gedeelte is afhankelijk van een ander specifiek iso-enzym,
CYP3A4, dat verantwoordelijk is voor de vorming van esomeprazolsulfon, de voornaamste
metaboliet in het plasma.



De hieronder vermelde parameters zijn voornamelijk representatief voor de farmacokinetiek van
individuen met een goed functionerend CYP2C19 enzym, de zogenaamde `extensive
metabolisers'.



De totale plasmaklaring is ongeveer 17 l/uur na een enkelvoudige dosering en 9 l/uur na
herhaalde dosering. De plasma-eliminatie halfwaardetijd is ongeveer 1,3 uur na herhaalde,
eenmaal daagse toediening. De farmacokinetiek van esomeprazol is onderzocht in doses tot 40
mg tweemaal daags. De AUC neemt toe na herhaalde toediening van esomeprazol. Deze
toename is dosis-afhankelijk en leidt tot een meer dan dosisproportionele toename in de AUC na
herhaalde toediening. Deze tijds- en dosisafhankelijkheid is het gevolg van de afname van het
`first pass' metabolisme en de systemische klaring, vermoedelijk veroorzaakt door een inhibitie
van het CYP2C19 enzym door esomeprazol en/of de sulfonmetaboliet. Bij eenmaal daagse
dosering wordt esomeprazol tussen de doseringsintervallen volledig uit het plasma
geëlimineerd, zonder enige neiging tot accumulatie.



De voornaamste metabolieten van esomeprazol hebben geen effect op de maagzuursecretie.
Ongeveer 80% van een orale dosering esomeprazol wordt als metaboliet in de urine
uitgescheiden en het resterende deel met de faeces. Minder dan 1% esomeprazol wordt
onveranderd via de urine uitgescheiden.


Speciale
patiëntenpopulaties


Ongeveer 2,9 ±1,5% van de populatie mist een functioneel CYP2C19 enzym, de zogenaamde
`poor metabolisers'. Bij deze individuen vindt het metabolisme vermoedelijk hoofdzakelijk
plaats via CYP3A4. Na herhaalde eenmaal daagse toediening van 40 mg esomeprazol was de
gemiddelde AUC ongeveer 100% hoger bij `poor metabolisers' dan bij diegenen met een goed
functionerend CYP2C19 enzym. De gemiddelde plasmaconcentraties waren met ongeveer 60%
toegenomen. Deze bevindingen hebben geen gevolgen voor de dosering van esomeprazol.



Bij oudere personen (71-80 jaar) is het metabolisme van esomeprazol niet wezenlijk veranderd.



Na een enkelvoudige dosering van 40 mg esomeprazol is de gemiddelde AUC bij vrouwen
ongeveer 30% groter dan bij mannen. Er is echter geen verschil tussen mannen en vrouwen
gezien bij herhaalde, eenmaal daagse toediening. Deze bevindingen hebben geen gevolgen voor
de doseringen van esomeprazol.



Bij patiënten met milde tot matige leverfunctiestoornissen kan het metabolisme van
esomeprazol verminderd zijn. Bij patiënten met ernstige leverfunctiestoornissen is het
metabolisme vertraagd, hetgeen leidt tot een verdubbeling van de AUC van esomeprazol.
Derhalve mag bij patiënten met een ernstige leverfunctiestoornis een maximale dosering van 20
mg niet worden overschreden. Esomeprazol of haar voornaamste metabolieten vertonen geen
8




Nexium
10
mg
Sachet

SPC


enkele neiging tot accumulatie bij een eenmaal daagse dosering.



Bij patiënten met een verminderde nierfunctie zijn geen studies uitgevoerd. Omdat de nier
verantwoordelijk is voor de uitscheiding van de metabolieten van esomeprazol, maar niet voor
de eliminatie van de moederverbinding, zal het metabolisme van esomeprazol naar verwachting
niet veranderen bij patiënten met een nierfunctiestoornis.



Kinderen

Jongvolwassenen 12-18 jaar:

Bij herhaalde toediening van 20 mg en 40 mg esomeprazol was de AUC en Tmax bij 12- tot 18-
jarigen gelijk aan die bij volwassenen voor beide doseringen.



Kinderen 1-11 jaar:

Bij herhaalde toediening van 10 mg esomeprazol was de AUC gelijk bij 1- tot 11-jarigen. De
AUC was ook vergelijkbaar met de toediening van 20 mg bij jongvolwassenen en volwassenen.

Bij herhaalde toediening van 20 mg esomeprazol was de AUC bij 6- 11-jarigen hoger in
vergelijking met dezelfde dosering bij jongvolwassenen en volwassenen.


5.3 Gegevens uit het preklinische veiligheidsonderzoek

Preklinische brugstudies gebaseerd op conventioneel onderzoek naar herhaalde
doseringstoxiciteit, genotoxiciteit en reproductietoxiciteit laten geen risico voor de mens zien.
Carcinogeniteitsstudies bij ratten met het racemisch mengsel (omeprazol) hebben hyperplasie
van ECL-cellen in de maag en carcinoïden aangetoond. Deze effecten in de maag van de rat zijn
het gevolg van aanhoudende, sterke hypergastrinaemie, veroorzaakt door een verminderde
productie van maagzuur; dit wordt pas na langdurige behandeling met maagzuurremmers
waargenomen.

Na toediening tot 3 maanden, van esomeprazol bij jonge ratten en honden, zijn er geen nieuwe
of onverwachte toxiciteitgegevens waargenomen, in vergelijking met volwassen dieren.


6. FARMACEUTISCHE
GEGEVENS
6.1 Lijst van hulpstoffen

Esomeprazol granulaat:

Glycerolmonostearaat 40-55;

Hydroxypropyl cellulose;

Hypromellose;

Magnesiumstearaat;

Methacrylzuur/ethylacrylaatcopolymeer (1:1) 30%-ige dispersie;

Polysorbaat 80;

Suikerbolletjes (sucrose en maïszetmeel);

Talk;

Triethylcitraat.




Hulpstoffen granulaat:

Citroenzuur anhydraat (voor pH instelling);

Crospovidon;

Glucose anhydraat;

Hydroxypropyl cellulose;

Geel ijzeroxide (E172);

Xanthaangom.


9




Nexium
10
mg
Sachet

SPC




6.2 Gevallen van onverenigbaarheid

Niet van toepassing.


6.3 Houdbaarheid

3 jaar

Gebruiken binnen 30 minuten na oplossen.


6.4 Speciale voorzorgsmaatregelen bij bewaren

Geen speciale bewaarinstructie.


6.5 Aard en inhoud van de verpakking

Doos met 28 sachets. Sachets (waar granules in zitten): Gelamineerd, bestaande uit 3 lagen:
polyethyleen tereftalaat (PET), aluminium, lage dichtheid polyethyleen (LDPE) dat de granules
beschermt tegen vocht.


6.6 Speciale voorzorgsmaatregelen voor het verwijderen en andere instructies

Voor patiënten met een neus- of maagsonde

1. Voor een dosis van 10 mg, leeg de inhoud van een 10 mg sachet in 15 ml water.

2. Voor een dosis van 20 mg, leeg de inhoud van twee 10 mg sachet in 30 ml water.
3.
Roer.

4. Laat het mengsel een paar minuten staan om in te dikken.

5. Roer opnieuw.

6. Zuig het mengsel op in een injectiespuit.

7. Injecteer door de sonde, charrière 6 of hoger, in de maag binnen 30 minuten na oplossen.

8. Vul de injectiespuit opnieuw met 15 ml water voor een dosis van 10 mg en met 30 ml voor
een dosis van 20 mg.

9. Schud de injectiespuit en spoel de in de sonde achtergebleven suspensie leeg in de maag

Elk ongebruikt restant van de suspensie dient weggegooid te worden.


7
HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN

AstraZeneca BV
Postbus 599
2700 AN ZOETERMEER


8
NUMMER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN

RVG 101600


9
DATUM VAN EERSTE VERLENING VAN DE VERGUNNING /HERNIEUWING VAN
DE VERGUNNING


13 juni 2008


10
DATUM VAN HERZIENING VAN DE TEKST

Laatste gedeeltelijke herziening van de tekst: betreft rubriek 4.3 en 4.5 29 september 2009

10





« Vorige

[Neusspray Xylometazoline HCl HTP 1 mg/ml, neusspray, oplossing]

Volgende »

[Nexium 10 mg, maagsapresistent granulaat voor orale suspensie]