Exmedica
 




Delen via:




Bestanden

    Home > Bestanden

Serevent Volumatic 25 inhalator CFK-vrij, aërosol suspensie 25 microgram per dosis

Download: IB-tekst PDF
Registratienummer: RVG 33738
Registratiehouder: GlaxoSmithKline


Serevent Volumatic 25 CFK-vrij, aërosol suspensie 25 microgram per dosis var. UK/H/883/01/II/008 versie
1.0 d.d. 25/01/2010


SAMENVATTING VAN DE PRODUCTKENMERKEN

1.
NAAM VAN HET GENEESMIDDEL

Serevent Volumatic 25 Inhalator CFK-vrij, aërosol suspensie 25 microgram per dosis


2.

KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING

Elke dosis van de Serevent inhalator bevat 25 microgram salmeterol (als xinafoaat) (afgemeten dosis).

Dit komt overeen met 21 microgram salmeterol (als xinafoaat) afgifte door het spuitbusje (toegediende
dosis).
Voor een volledige lijst van hulpstoffen, zie rubriek 6.1.


3. FARMACEUTISCHE

VORM

Aërosol, suspensie

Het aluminium spuitbusje, in een groene houder, bevat een witte tot gebroken witte suspensie.


4. KLINISCHE

GEGEVENS

4.1 Therapeutische
indicaties

Als regelmatig symptomatische aanvullende behandeling van reversibele luchtwegobstructie bij patiënten
met astma, waaronder patiënten met nachtelijk astma, die met inhalatiecorticosteroïden in overeenstemming
met de huidige behandelrichtlijnen de astma niet onder controle hebben. Voor de behandeling van chronische
obstructieve longziekte (COPD). Ter voorkoming van inspanningsastma.
4.2 Dosering en wijze van toediening

Serevent inhalator is alleen bestemd voor gebruik per inhalatie.
Serevent inhalator moet regelmatig worden gebruikt. De volledige voordelen van de behandeling worden
zichtbaar na verschillende doseringen van het geneesmiddel. Omdat er bijwerkingen geassocieerd worden
met overmatige dosering van deze geneesmiddelenklasse, mag de dosering of toedieningsfrequentie alleen
worden verhoogd op medisch advies.

De aanbevolen dosering is als volgt:
Astma

Volwassenen en adolescenten van 12 jaar en ouder:

Tweemaal daags 2 inhalaties van 25 microgram Serevent.

Astmapatiënten met een ernstiger luchtwegobstructie kunnen baat hebben bij tweemaal daags tot 4 inhalaties
met 25 microgram Serevent.

Kinderen van 4 jaar en ouder
QRD versie 1.2 , 10/2006 Rev1. 07/2008 blz.1

Serevent Volumatic 25 CFK-vrij, aërosol suspensie 25 microgram per dosis UK/H/883/01/II/008 versie 1.0
d.d.25/01/2010


Tweemaal daags 2 inhalaties van 25 microgram Serevent.

Kinderen jonger dan 4 jaar
Serevent inhalator wordt afgeraden voor gebruik bij kinderen jonger dan vier jaar omdat er onvoldoende
gegevens over de veiligheid en werkzaamheid zijn.

COPD

Volwassenen: tweemaal daags 2 inhalaties van 25 microgram Serevent.

Kinderen: er is geen relevante indicatie voor gebruik van Serevent inhalator bij kinderen.

Speciale patiëntgroepen
Het is niet nodig de dosering bij ouderen of bij patiënten met een nierfunctiestoornis aan te passen. Er zijn
nog geen gegevens beschikbaar met betrekking tot gebruik van Serevent inhalator bij patiënten met een
leverfunctiestoornis.
INSTRUCTIES VOOR GEBRUIK:
Serevent inhalator moet samen met een Volumatic-voorzetkamer worden gebruikt door patiënten die het
moeilijk vinden de aërosol inhalatie doseringen te synchroniseren met het inademen. Dit is vaak het geval bij
kinderen en ouderen.

Patiënten moeten zorgvuldig worden voorgelicht over het gebruik van hun inhalator en de Volumatic (zie
bijsluiter).

1.
De patiënt moet het beschermkapje van het mondstuk van de inhalator verwijderen door voorzichtig `

in de zijkanten van het beschermkapje te knijpen.
2.
De patiënt moet de binnen- en buitenkant van de inhalator inclusief het mondstuk controleren op de

aanwezigheid van losse voorwerpen.
3.
De patiënt moet de inhalator goed schudden, om er zeker van te zijn dat elk los voorwerp is

verwijderd en dat de inhoud van de inhalator gelijkmatig is gemengd. Als de inhalator voor de eerste

keer wordt gebruikt of als deze een week niet is gebruikt, moet de patiënt één pufje in de lucht spuiten

om te controleren of de inhalator werkt.
4.
Plaats de inhalator in de opening van de Volumatic.
5.
Druk de inhalator in. Het geneesmiddel komt in de Volumatic.
6.
Spuit voor een inhalatie maximaal 2 pufjes in de Volumatic.
7.
Adem normaal uit. Omsluit het mondstuk van de Volumatic met uw lippen. Adem rustig in en uit door

het mondstuk van de Volumatic. Na 5 inhalaties is de Volumatic zeker leeg.
8.
Haal na gebruik de inhalator uit de Volumatic. Plaats het beschermkapje weer op het mondstuk van de

inhalator. Na gebruik moet de patiënt altijd het beschermkapje op het mondstuk plaatsen om stof en

pluisjes tegen te houden.
9.
De patiënt moet het beschermkapje van het mondstuk terugplaatsen door stevig op het kapje te

drukken tot dit op zijn plaats klikt.
QRD versie 1.2,10/2006 Rev1. 07/2008 blz.2

Serevent Volumatic 25 CFK-vrij, aërosol suspensie 25 microgram per dosis UK/H/883/01/II/008 versie 1.0
d.d.25/01/2010

Schoonmaken van de inhalator:
De inhalator moet ten minste eenmaal per week worden gereinigd door:

1.
Het beschermkapje van het mondstuk te verwijderen.
2.
De binnen- en buitenkant van het mondstuk en de plastic houder af te vegen met een droge doek of een
droge tissue.
3.
Het beschermkapje van het mondstuk terug te plaatsen.
Het spuitbusje mag bij het reinigen van de inhalator niet worden verwijderd uit de plastic houder.
DE PATIËNT MAG HET METALEN SPUITBUSJE NIET IN WATER DOMPELEN.

Schoonmaken en bewaren van de Volumatic:

Maak de Volumatic 1 maal per week schoon op de volgende manier:

1.
Haal de Volumatic uit elkaar.

2.
Was de Volumatic met lauw water en een klein beetje afwasmiddel (ongeveer 1 theelepel op 5 liter
water).

3.
Spoel alleen het mondstuk schoon met water.

4.
Laat de Volumatic aan de lucht drogen. Bewaar de Volumatic op een droge plaats.


4.3 Contra-indicaties

Serevent inhalator is gecontra-indiceerd bij patiënten met overgevoeligheid voor salmeterolxinafoaat of de
hulpstof (zie rubriek 6.1).
4.4 Bijzondere
waarschuwingen
en voorzorgen bij gebruik

De behandeling van astma volgt normaal gesproken een stapsgewijs behandelingsschema, waarbij de respons
van de patiënt klinisch en door longfunctietesten gecontroleerd dient te worden.

Salmeterol is niet geschikt (en is niet voldoende effectief) als initiële behandeling van astma.

Salmeterol is geen vervanging van orale- of inhalatiecorticosteroïden. Het gebruik van salmeterol is een
aanvulling hierop. De patiënt moet worden gewaarschuwd niet te stoppen met de steroïdenbehandeling en
deze niet te verminderen zonder medisch advies, zelfs als hij/zij zich beter voelt door de behandeling met
salmeterol .

Salmeterol mag niet worden gebruikt voor het behandelen van acute astmasymptomen, waarvoor een snel-
en kortwerkende inhalatie luchtwegverwijder is vereist. De patiënt moet worden geadviseerd het
geneesmiddel, dat wordt gebruikt voor verlichting van acute astmasymptomen, te allen tijde bij zich te
hebben.
Toenemend gebruik van kortwerkende luchtwegverwijders om de symptomen van astma te verminderen,
duidt op een verslechtering van de controle over de astma. De patiënt moet worden geïnstrueerd medisch
advies te vragen, als de behandeling met kortwerkende luchtwegverwijders minder effectief wordt of als er
meer inhalaties nodig zijn dan gewoonlijk. In dit geval moet de patiënt worden beoordeeld en moet een
QRD versie 1.2,10/2006 Rev1. 07/2008 blz.3

Serevent Volumatic 25 CFK-vrij, aërosol suspensie 25 microgram per dosis UK/H/883/01/II/008 versie 1.0
d.d.25/01/2010

sterkere anti-inflammatoire behandeling (bijv. hogere doseringen inhalatiecorticosteroïden of een kuur van
orale corticosteroïden) worden overwogen. Ernstige exacerbaties van astma moeten worden behandeld op de
gebruikelijke manier.
Hoewel Serevent in de behandeling kan worden toegevoegd, als corticosteroïden per inhalatie onvoldoende
controle van astmasymptomen geven, moet de behandeling van patiënten niet met Serevent worden
begonnen tijdens een acute ernstige exacerbatie van astma of als er sprake is van een significant
verslechterend of acuut achteruitgaand astma.

Tijdens de behandeling met Serevent kunnen ernstige astmagerelateerde bijwerkingen voorkomen. De
patiënt moet worden verzocht met de medicatie door te gaan en voor medisch advies een arts te raadplegen,
als de astmasymptomen niet onder controle kunnen worden gebracht of erger worden nadat met Serevent
werd gestart.

Plotselinge en progressieve verslechtering van de astma kan levensbedreigend zijn en de patiënt moet met
spoed medisch worden beoordeeld. Een behandeling met een hogere dosis corticosteroïd moet worden
overwogen. Onder deze omstandigheden is het dagelijks controleren van de peakflow raadzaam. Als
onderhoudsbehandeling van astma moet Serevent worden toegediend in combinatie met inhalatie- of orale
corticosteroïden. Langwerkende luchtwegverwijders mogen niet de enige of belangrijkste behandeling zijn
bij de onderhoudsbehandeling van astma (zie rubriek 4.1).
Als astmasymptomen eenmaal onder controle zijn, kan worden overwogen om de dosis Serevent geleidelijk
te verlagen. Het is van belang om patiënten regelmatig terug te zien als de behandeling wordt afgebouwd. De
laagst werkzame dosis voor Serevent moet worden gebruikt.

Serevent moet met voorzichtigheid worden toegediend aan patiënten met thyreotoxicose.

Verhoogde bloedglucosespiegels (zie rubriek 4.8) zijn in zeer zeldzame gevallen waargenomen. Hiermee
moet rekening worden gehouden bij het voorschrijven aan patiënten met diabetes mellitus in hun medische
voorgeschiedenis.
Cardiovasculaire effecten, zoals toegenomen systolische bloeddruk en hartfrequentie, worden in zeldzame
gevallen waargenomen bij alle sympathicomimetische geneesmiddelen, vooral bij hogere dan therapeutische
doseringen. Daarom moet Serevent met voorzichtigheid worden gebruikt bij patiënten met een bestaande
cardiovasculaire aandoening.
Mogelijk ernstige hypokaliëmie kan het gevolg zijn van behandeling met beta-2-agonisten. Uiterste
voorzichtigheid is raadzaam bij acuut ernstig astma omdat dit effect kan worden versterkt door hypoxie en
door gelijktijdige behandeling met xanthinederivaten, steroïden en diuretica. De serumkaliumspiegels
moeten in dergelijke situaties in de gaten worden gehouden.
Resultaten van een grote klinische studie (de Salmeterol Multi-Center Asthma Research Trial, SMART)
wezen erop, dat het risico op ernstige luchtweggerelateerde problemen of overlijden bij Afro-Amerikaanse
patiënten groter is met salmeterol dan met placebo (zie rubriek 5.1).
Het is onbekend of dit te wijten is aan farmacogenetische factoren of andere oorzaken. Patiënten met
negroïd-Afrikaanse of Afro-Caribische voorouders moet daarom worden verzocht door te gaan met de
medicatie maar voor medisch advies een arts te raadplegen als de astmasymptomen niet onder controle
blijven of erger worden tijdens het gebruik van Serevent.

Gelijktijdig gebruik van systemisch ketoconazol verhoogt de systemische blootstelling aan salmeterol
significant. Dit kan leiden tot een verhoogde incidentie van systemische effecten (bijv. verlenging van het
QTc-interval en hartkloppingen). Gelijktijdige behandeling met ketoconazol of andere krachtige CYP3A4-
remmers dient te worden vermeden, tenzij de voordelen van de salmeterolbehandeling opwegen tegen het
mogelijk toegenomen risico van systemische bijwerkingen (zie rubriek 4.5).

QRD versie 1.2,10/2006 Rev1. 07/2008 blz.4

Serevent Volumatic 25 CFK-vrij, aërosol suspensie 25 microgram per dosis UK/H/883/01/II/008 versie 1.0
d.d.25/01/2010

De patiënt moet worden geïnformeerd over het juiste gebruik van de inhalator en zijn/haar techniek moet
worden gecontroleerd om optimale afgifte van het geneesmiddel in de longen te garanderen.
Aangezien systemische absorptie grotendeels in de longen plaatsvindt, kan bij het gebruik van een inhalator
met voorzetkamer de afgifte van het geneesmiddel in de longen veranderen. Let op, dit kan leiden tot een
toename van het risico op systemische bijwerkingen waardoor aanpassing van de dosering noodzakelijk kan
zijn.
4.5 Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie

Bèta-adrenerge blokkers kunnen het effect van salmeterol verzwakken of neutraliseren.Zowel niet-selectieve
als selectieve bètablokkers dienen te worden vermeden, tenzij er dwingende redenen zijn om deze te
gebruiken.

Mogelijk ernstige hypokaliëmie kan het gevolg zijn van behandeling met bèta-2-agonisten. Bijzondere
voorzichtigheid is geboden bij acuut ernstig astma, omdat dit effect kan worden versterkt door gelijktijdige
behandeling met xanthinederivaten, steroïden en diuretica.
Krachtige CYP3A4-remmers
Gelijktijdige toediening van ketoconazol (400 milligram oraal eenmaal daags) en salmeterol (50 microgram
tweemaal daags geïnhaleerd) bij 15 gezonde personen gedurende zeven dagen, resulteerde in een significante
toename in plasma-salmeterolblootstelling (1,4-voudige Cmax en 15-voudige AUC). Dit kan leiden tot een
verhoogde incidentie van andere systemische effecten van salmeterolbehandeling (bijv. verlenging van het
QTc-interval en hartkloppingen) vergeleken met salmeterol- of ketoconazolbehandeling alleen (zie rubriek
4.4).

Klinisch significante effecten op de bloeddruk, hartfrequentie, bloedglucose- en bloedkaliumgehaltes werden
niet waargenomen. Gelijktijdige toediening met ketoconazol verhoogde niet de eliminatiehalfwaardetijd van
salmeterol en verhoogde niet de accumulatie van salmeterol bij herhaalde dosering.

De gelijktijdige toediening van ketoconazol dient vermeden te worden, tenzij de voordelen opwegen tegen
het mogelijk toegenomen risico op systemische bijwerkingen van de salmeterolbehandeling. Er is
waarschijnlijk een vergelijkbaar risico op interactie met andere krachtige CYP3A4-remmers (bijv.
itraconazol, telithromycine, ritonavir).

Matige CYP3A4-remmers
Gelijktijdige toediening van erythromycine (500 milligram oraal driemaal daags) en salmeterol (50
microgram tweemaal daags geïnhaleerd) bij 15 gezonde personen gedurende zes dagen, resulteerde in een
kleine maar niet-significante toename in salmeterolblootstelling (gemiddelde Cmax ratio was 1,40).
Gelijktijdige toediening met erythromycine is niet in verband gebracht met ernstige bijwerkingen.

4.6 Zwangerschap en borstvoeding

Er zijn beperkte gegevens (minder dan 300 uitkomsten van zwangerschappen) over het gebruik van
salmeterol bij zwangere vrouwen.
Onderzoek bij dieren heeft geen aanwijzing gegeven van direct of indirect schadelijke effecten met
betrekking tot reproductietoxiciteit met uitzondering van enige schadelijke effecten op de foetus, bewezen bij
zeer hoge doseringen (zie rubriek 5.3)
Als voorzorgsmaatregel is het aan te bevelen om het gebruik van Serevent tijdens de zwangerschap te
vermijden.
Beschikbare farmacodynamische/toxicologische gegevens bij dieren hebben uitscheiding van salmeterol in
de melk aangetoond. Een risico voor de zuigeling kan niet worden uitgesloten.
QRD versie 1.2,10/2006 Rev1. 07/2008 blz.5

Serevent Volumatic 25 CFK-vrij, aërosol suspensie 25 microgram per dosis UK/H/883/01/II/008 versie 1.0
d.d.25/01/2010

Een beslissing om de borstvoeding te discontinueren òf om de therapie met Serevent te discontinueren of om
hiervan af te zien, moet genomen worden na afweging van het voordeel van borstvoeding voor het kind en
het voordeel van de therapie voor de vrouw.
Onderzoek naar HFA-134a toonde geen effecten op de vruchtbaarheid en lactatie bij een volwassen rat en de
twee daaropvolgende generaties of op de foetale ontwikkeling van ratten of konijnen.
4.7 Beïnvloeding van de rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen

Er is geen onderzoek verricht met betrekking tot de effecten op de rijvaardigheid en op het vermogen om
machines te bedienen.

4.8 Bijwerkingen

De bijwerkingen worden hieronder vermeld per systeem/orgaanklasse en frequentie. De frequenties worden
als volgt gedefinieerd: zeer vaak ( 1/10), vaak (1/100 en <1/10), soms (1/1.000 en <1/100), zelden
(1/10.000 en <1/1.000) en zeer zelden (<1/10.000), inclusief geïsoleerde meldingen. Vaak en soms
voorkomende bijwerkingen werden over het algemeen vastgesteld aan de hand van gegevens van klinische
trials. De incidentie bij placebo werd buiten beschouwing gelaten. Zeer zelden voorkomende bijwerkingen
worden over het algemeen vastgesteld aan de hand van spontane postmarketing gegevens.
De volgende frequenties zijn schattingen bij de standaarddosering van tweemaal daags 50 microgram.
Frequenties bij de hogere dosering van tweemaal daags 100 microgram werden (indien van toepassing) ook
in aanmerking genomen.


Systeem/orgaanklasse
Bijwerking
Frequentie
Immuunsysteemaandoeningen
Overgevoeligheidsreacties

met de volgende

verschijnselen:



Huiduitslag (jeuk en
Soms
roodheid)



Anafylactische reacties,
Zeer zelden
waaronder oedeem en
angio-oedeem,
bronchospasmen en
anafylactische shock

Voedings- en
Hypokaliëmie
Zelden
stofwisselingsstoornissen



Hyperglykemie
Zeer zelden
Psychische stoornissen
Nervositeit
Soms


Slapeloosheid
Zelden
Zenuwstelselaandoeningen Hoofdpijn
Vaak


Tremor
Vaak


Duizeligheid
Zelden
Hartaandoeningen
Hartkloppingen
Vaak




Tachycardie
Soms


QRD versie 1.2,10/2006 Rev1. 07/2008 blz.6

Serevent Volumatic 25 CFK-vrij, aërosol suspensie 25 microgram per dosis UK/H/883/01/II/008 versie 1.0
d.d.25/01/2010

Systeem/orgaanklasse
Bijwerking
Frequentie
Hartritmestoornissen
Zeer zelden
(waaronder atriale
fibrillatie,
supraventriculaire
tachycardie en
extrasystolen)

Ademhalingsstelsel-, borstkas- en
Orofaryngeale irritatie
Zeer zelden
mediastinumaandoeningen


Paradoxale
Zeer zelden
bronchospasmen

Maagdarmstelselaandoeningen Misselijkheid
Zeer
zelden
Skeletspierstelsel- en
Spierkrampen
Vaak
bindweefselaandoeningen


Artralgie
Zeer zelden
Algemene aandoeningen en
Niet-specifieke pijn op de
Zeer zelden
toedieningsplaatsstoornissen
borst

De farmacologische bijwerkingen van behandeling met bèta-2-agonisten, zoals tremor, hoofdpijn en
hartkloppingen zijn gemeld, maar deze zijn meestal van voorbijgaande aard en nemen af met regelmatige
behandeling. Tremor en tachycardie komen vaker voor als de doseringen hoger zijn dan tweemaal daags 50
microgram.

Net als met andere inhalatiebehandelingen kunnen paradoxale bronchospasmen optreden met een
onmiddellijk toenemende piepende ademhaling en een daling van peak expiratory flow rate (PEFR) na
toediening. Deze toestand moet onmiddellijk worden behandeld met een snelwerkende inhalatie
luchtwegverwijder. Het gebruik van Serevent inhalator moet onmiddellijk worden beëindigd, de patiënt moet
worden beoordeeld en indien nodig moet een alternatieve behandeling worden toegepast (zie rubriek 4.4).

4.9 Overdosering


De tekenen en symptomen van een salmeterol overdosis zijn, duizeligheid, toenames in de systolische
bloeddruk, tremor, hoofdpijn en tachycardie. De geprefereerde antidota zijn cardioselectieve bètablokkers,
die met de uiterste voorzichtigheid moeten worden gebruikt bij patiënten met een voorgeschiedenis van
bronchospasmen.
Daarnaast kan hypokaliëmie optreden en daarom moeten de serumkaliumspiegels regelmatig worden
gecontroleerd. Het aanvullen van kalium moet worden overwogen.


5. FARMACOLOGISCHE

EIGENSCHAPPEN

5.1 Farmacodynamische eigenschappen

Farmacotherapeutische groep: Selectieve 2-adrenoreceptoragonisten
ATC-code: R03AC12
Salmeterol is een selectieve langwerkende (12 uur) bèta-2-adrenoceptoragonist met een lange zijketen, die
zich bindt aan de exo-site van de receptor.
Deze farmacologische eigenschappen van salmeterol bieden een effectievere bescherming tegen
luchtwegvernauwing veroorzaakt door histamine en ze produceren een langere periode van
luchtwegverwijding (die ongeveer 12 uur duurt), dan de aanbevolen doseringen traditionele kortwerkende
QRD versie 1.2,10/2006 Rev1. 07/2008 blz.7

Serevent Volumatic 25 CFK-vrij, aërosol suspensie 25 microgram per dosis UK/H/883/01/II/008 versie 1.0
d.d.25/01/2010

bèta-2-agonisten. Bij mensen remt salmeterol de vroege- en late fasereactie op geïnhaleerd allergeen; de
laatstgenoemde houdt gedurende 30 uur na één dosering aan, als het luchtwegverwijdend effect niet langer
merkbaar is. Eén enkele dosering salmeterol verzwakt de bronchiale hyperresponsiviteit. Deze
eigenschappen geven aan dat salmeterol een extra niet-luchtwegverwijdende werking heeft, echter de
volledige klinische significantie is nog niet geheel duidelijk. Het mechanisme verschilt van het anti-
inflammatoire effect van corticosteroïden, waardoor de behandeling hiermee niet moet worden beëindigd of
verlaagd als salmeterol wordt voorgeschreven.

Salmeterol is onderzocht voor de behandeling van aandoeningen die worden geassocieerd met COPD en er is
aangetoond dat het de symptomen, longfunctie en kwaliteit van leven verbetert.

Klinische studies bij astma

De Salmeterol Multi-center Asthma Research Trial (SMART)

SMART was een multi-centre, gerandomiseerde, dubbelblinde, placebogecontroleerde studie met parallelle
onderzoeksgroepen, met een studieduur van 28 weken die in de VS werd uitgevoerd. Ter aanvulling op de
gebruikelijke astmamedicatie werden 13.176 patiënten gerandomiseerd voor salmeterol (tweemaal daags 50
microgram) en 13.179 voor placebo. Patiënten met astma werden in de studie opgenomen als ze 12 jaar of
ouder waren, en astmamedicatie gebruikten (behalve LABA). De basale waarde voor
inhalatiecorticosteroïden (ICS) gebruik aan het begin van de studie werd genoteerd, echter dit was gedurende
de studie niet vereist. Het primaire eindpunt in SMART was het aantal patiënten dat overleed aan
luchtweggerelateerde problemen gecombineerd met het aantal patiënten met luchtweggerelateerde
levensbedreigende ervaringen.


De voornaamste resultaten van SMART: het primaire eindpunt
Patiënten groep
Aantal primaire eindpuntge- Relatief Risico
beurtenissen/ aantal patiënten (95% betrouwbaar-
heidsinterval)
salmeterol
placebo
Alle patiënten
50/13.176
36/13.179
1,40 (0,91, 2,14)
Patiënten met steroïden per 23/6.127
19/6.138
1,21 (0,66, 2,23)
inhalatie
Patiënten die geen steroïden per 27/7.049
17/7.041
1,60 (0,87, 2,93)
inhalatie gebruikten.
Afro-Amerikaanse patiënten
20/2.366
5/2.319
4,10 (1,54, 10,90)
(Risico is vet afgedrukt bij statistische significantie op 95% betrouwbaarheidsniveau)


De voornaamste resultaten van SMART: basale waarde voor het gebruik van steroïd per inhalatie: secundaire
eindpunten

Aantal secundaire
Relatief Risico
eindpuntgebeurtenissen
(95% betrouwbaar-
/aantal patiënten
heidsinterval)
salmeterol placebo
Luchtweggerelateerde overlijdens
Patiënten met steroïden per inhalatie
10/6.127
5/6.138
2,01 (0,69, 5,86)
Patiënten die geen steroïden per 14/7.049
6/7.041
2,28 (0,88, 5,94)
inhalatie gebruiktenn
Astmagerelateerde overlijdens of patiënten met levensbedreigende ervaringen
QRD versie 1.2,10/2006 Rev1. 07/2008 blz.8

Serevent Volumatic 25 CFK-vrij, aërosol suspensie 25 microgram per dosis UK/H/883/01/II/008 versie 1.0
d.d.25/01/2010

Patiënten met steroïden per inhalatie
16/6.127
13/6.138
1,24 (0,60, 2,58)
Patiënten die geen steroïden per 21/7.049
9/7.041
2,39 (1,10, 5,22)
inhalatie gebruikten
Astmagerelateerde overlijdens
Patiënten met steroïden per inhalatie
4/6.127
3/6.138
1,35 (0,30, 6,04)
Patiënten die geen steroïden per 9/7.049 0/7.041 *
inhalatie gebruikten
(*= kon niet worden berekend vanwege geen gebeurtenissen in de placebogroep. Risico is vet afgedrukt bij statistische
significatie op 95% niveau. De secundaire eindpunten in bovenstaande tabel waren statistisch significant bij analyse van
de gehele populatie.) De gecombineerde secundaire eindpunten van overlijden ongeacht de oorzaak, of levens-
bedreigende ervaringen, overlijden ongeacht de oorzaak of ziekenhuisopname ongeacht de oorzaak bereikte geen
statistische significantie in de gehele populatie.

Klinische studies bij COPD

TORCH studie

TORCH was een drie jaar durende studie om het effect te meten van de behandeling met Seretide Diskus
50/500 microgram tweemaal daags, salmeterol Diskus 50 microgram tweemaal daags, 500 microgram
fluticason propionaat (FP) Diskus tweemaal daags of placebo op totale mortaliteit bij COPD-patiënten.
COPD-patiënten met een FEV1 basaalwaarde < 60% van de voorspelde normale longfunctie (vóór het
gebruik van een luchtwegverwijder) werden gerandomiseerd voor dubbelblinde medicatie. Gedurende de
studie was het patiënten toegestaan om de gebruikelijke COPD-therapie te gebruiken, met uitzondering van
andere corticosteroïden per inhalatie, langwerkende luchtwegverwijders en langdurig toegediende
systemische corticosteroïden. Overleving na drie jaar werd bepaald voor alle patiënten ongeacht het stoppen
van de studiemedicatie. Het primaire eindpunt was reductie van de totale mortaliteit na drie jaar voor
Seretide vs. placebo.

Placebo
Salmeterol 50
FP 500
Seretide 50/500
N = 1.524
N = 1.521
N = 1.534
N = 1.533
Totale mortaliteit na drie jaar
Aantal overlijdens
231 (15,2%)
205 (13,5%)
246 (16,0%)
193 (12,6%)
(%)
Relatief risico vs

0,897
1,060
0,825
placebo (BI's)
nvt
(0,73, 1,06)
(0,89, 1,27)
(0,68, 1,00)
p-waarde

0,180
0,525
0,052 1
Relatief risico

0,932
0,774

Seretide 50/500 vs
nvt
(0,77, 1,13)
(0,64, 0,93)
nvt
componenten (BI's)

0,481
0,007
p-waarde
1. Niet significante p-waarde na correctie voor twee interim analyses van de primaire effectiviteit vergelijking uit een log-rank
analyse gestratificeerd voor rokers

In vergelijking met placebo was er een trend naar verbeterde overleving na drie jaar bij personen die werden
behandeld met Seretide; deze trend bereikte echter het statistisch significantie niveau p 0,05 niet.
Het percentage patiënten dat overleed binnen drie jaar door COPD-gerelateerde oorzaken was 6,0% voor
placebo, 6,1% voor salmeterol, 6,9% voor FP en 4,7% voor Seretide.

QRD versie 1.2,10/2006 Rev1. 07/2008 blz.9

Serevent Volumatic 25 CFK-vrij, aërosol suspensie 25 microgram per dosis UK/H/883/01/II/008 versie 1.0
d.d.25/01/2010

In vergelijking met behandeling met salmeterol, FP en placebo was het gemiddelde aantal matig tot ernstige
exacerbaties per jaar bij behandeling met Seretide significant gereduceerd (gemiddeld incidentie in de
Seretide groep is 0,85 in vergelijking met 0,97 in de salmeterol-groep, 0,93 in de FP-groep en 1,13 in de
placebo-groep). Dit kan worden vertaald naar een 25% reductie in de incidentie van matig tot ernstige
exacerbaties (95% BI: 19% - 31%; p<0,001) in vergelijking met placebo, 12% reductie in vergelijking met
salmeterol (95% BI: 5% - 19%, p=0,002) en 9% reductie in vergelijking met FP (95% BI: 1% - 16%,
p=0,024). Salmeterol en FP reduceerden significant de incidentie van exacerbaties in vergelijking met
placebo met respectievelijk 15% (95% BI: 7% - 22%; p<0,001) en 18% (95% BI: 11% - 24%; p<0,001).

In vergelijking met placebo was de gezondheid gerelateerde kwaliteit-van-leven, zoals gemeten met de `St.
George Respiratory Questionnaire' (SGRQ) verbeterd met alle actieve behandelingen. De gemiddelde
verbetering gedurende 3 jaar voor Seretide vergeleken met placebo was - 3,1 eenheden (95% BI: - 4,1 tot -
2,1; p<0,001), vergeleken met salmeterol was deze -2,2 eenheden (p<0,001) en vergeleken met FP was deze
-1,2 eenheden (p=0,017). Een afname van 4 eenheden wordt als klinisch relevant beschouwd.

De geschatte driejaars voorspelling voor het krijgen van een pneumonie, gemeld als bijwerking, was 12,3%
voor placebo, 13,3% voor salmeterol, 18,3% voor FP en 19,6% voor Seretide (Relatief risico voor Seretide
vs. placebo: 1,64, 95% BI: 1,33 ­ 2,01, p<0,001). Er was geen toename in pneumonie-gerelateerd overlijden;
het aantal doden tijdens behandeling, dat primair aan pneumonie werd toegekend, was 7 voor placebo, 9 voor
salmeterol-groep, 13 voor FP en 8 voor Seretide.
Er was geen significant verschil in de kans op botbreuken (5,1% placebo, 5,1% salmeterol, 5,4% FP en 6,3%
Seretide); Het Relatief Risico voor Seretide vs placebo was 1,22 (95% BI: 0,87 ­ 1,72, p = 0,248).

5.2 Farmacokinetische
eigenschappen
Salmeterol is lokaal werkzaam in de longen. Plasmaspiegels zijn dus niet gerelateerd aan het therapeutisch
effect. Bovendien zijn er slechts beperkte farmacokinetische gegevens over salmeterol beschikbaar vanwege
de technische problemen bij het bepalen van de zeer lage (ongeveer 200 picogram/ml of minder)
plasmaspiegels die na een geïnhaleerde dosering worden bereikt.

5.3 Gegevens uit het preklinisch veiligheidsonderzoek

De enige resultaten bij experimentele onderzoeken met dieren met relevantie voor klinisch gebruik waren de
effecten geassocieerd met overmatige farmacologische activiteit.
Bij reproductie- en ontwikkelingstoxiciteitstudies met salmeterolxinafoaat werden er geen effecten bij ratten
gezien. Bij konijnen kwam typische bèta-2-agonist embryofoetale toxiciteit (gespleten gehemelte, vroegtijdig
openen van de oogleden, sternale fusie en een afgenomen ossificatiesnelheid bij de frontale craniale botten)
voor bij hoge blootstellingsniveau's (ongeveer 20 keer de maximale aanbevolen dagelijkse dosering bij
mensen op basis van de vergelijking van AUC's).
Salmeterolxinafoaat was negatief bij verschillende standaardonderzoeken naar genotoxiciteit.
Van het CFK-vrije drijfgas, norfluraan, is aangetoond dat het geen toxisch effect heeft bij zeer hoge
dampconcentraties, ver boven de concentraties die ooit door patiënten worden ervaren. Dit is gemeten bij een
breed bereik aan diersoorten die dagelijks gedurende periodes tot twee jaar werden blootgesteld, die geen
effecten op de voortplanting of de embryofoetale ontwikkeling vertoonden.

6. FARMACEUTISCHE

GEGEVENS

6.1 Lijst van hulpstoffen

Norfluraan (HFA 134a), een hydrofluoroalkaan (chloorfluorkoolstofvrij) drijfgas
6.2 Gevallen van onverenigbaarheid

Niet van toepassing.
QRD versie 1.2,10/2006 Rev1. 07/2008 blz.10

Serevent Volumatic 25 CFK-vrij, aërosol suspensie 25 microgram per dosis UK/H/883/01/II/008 versie 1.0
d.d.25/01/2010


6.3 Houdbaarheid

2 jaar

6.4 Speciale voorzorgsmaatregelen bij het bewaren

Druk het beschermkapje van het mondstuk stevig aan zodat het in zijn positie klikt.
Bewaren beneden 30°C.
Spuitbusje onder druk. Niet blootstellen aan temperaturen hoger dan 50°C. Niet lek prikken, breken of
verbranden, ook niet als het spuitbusje duidelijk leeg is.
6.5 Aard en inhoud van de verpakking

De Serevent Volumatic 25 Inhalator CFK-vrij bevat:
- een inhalator die bestaat uit een 8 ml spuitbusje dat van binnen bekleed is met een laagje
aluminium, en is afgesloten door middel van een ventiel en met daaroverheen een groen plastic
houder. Een inhalator bevat 120 inhalaties.
- een Volumatic voorzetkamer

6.6 Speciale voorzorgsmaatregelen voor het verwijderen en andere instructies

Geen bijzondere vereisten.

7.

HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN

GlaxoSmithKline BV
Huis ter Heideweg 62
3705 LZ Zeist
Nederland
030-6938100
nlinfo@gsk.com


8.
NUMMER(S) VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN

Serevent Volumatic 25 Inhalator CFK-vrij RVG 33738


9.

DATUM VAN EERSTE VERLENING VAN DE VERGUNNING/HERNIEUWING VAN DE
VERGUNNING


Serevent Inhalator inhalator 25 CFK -vrij: goedgekeurd 11 september 2006.


10. DATUM VAN HERZIENING VAN DE TEKST

Laatste gedeeltelijke herziening betreft rubriek 4.5, 4.6, 4.9: 8 februari 2010

Gedetailleerde informatie over dit product is beschikbaar op de website van het College ter
Beoordeling van Geneesmiddelen: www.cbg-meb.nl.
QRD versie 1.2,10/2006 Rev1. 07/2008 blz.11





« Vorige

[Serevent 25 Inhalator CFK-vrij, aërosol, suspensie 25 microgram/dosis]

Volgende »

[Serevent Volumatic 25 inhalator CFK-vrij, aërosol suspensie 25 microgram per dosis]