Exmedica
 




Delen via:




Bestanden

    Home > Bestanden

Synarel neusspray 200 microgram per dosis

Download: IB-tekst PDF
Registratienummer: RVG 15086
Registratiehouder: Pfizer


SAMENVATTING VAN DE PRODUCTKENMERKEN






























SYNA 002 SmPC 22jul2008-c.doc

Pagina 1 van 10






1.
NAAM VAN HET GENEESMIDDEL

Synarel, neusspray 200 microgram per dosis


2.
KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING

Synarel neusspray bevat nafareline-acetaat, overeenkomend met 2 mg nafareline per ml.
Per dosis wordt 200 microgram nafareline toegediend.
Conserveermiddel: benzalkoniumchloride 0,1 mg/ml.
Voor een volledige lijst van hulpstoffen zie rubriek 6.1.


3. FARMACEUTISCHE

VORM

Neusspray, oplossing
Synarel is een heldere, kleurloze tot lichtgele oplossing.


4. KLINISCHE
GEGEVENS

4.1. Therapeutische

indicaties

Matige tot ernstige endometriose.

Synarel kan tevens worden toegepast bij de hormonale behandeling van leiomyomata uteri, ter
verlichting van klinische symptomen en vermindering van het volume van de uterus en leiomyomata,
echter uitsluitend als pre-operatieve behandeling tot een maximum behandelduur van drie maanden.

Synarel kan ook gebruikt worden voor downregulatie van de hypofyse vóór aanvang van de ovulatie-
inductie door gonadotrofinen bij IVF om gecontroleerde ovariële stimulatie mogelijk te maken.

4.2. Dosering en wijze van toediening

Algemeen
De neusspray wordt, mits correct toegediend, goed geabsorbeerd door het neusslijmvlies, ook als de
patiënt verkouden is.
Bij verkoudheid is het aan te bevelen om de neus krachtig te snuiten alvorens Synarel toe te dienen.
Niezen tijdens of kort na toediening van Synarel kan de absorptie verminderen. In dat geval dient de
toediening te worden herhaald.
In klinisch onderzoek is slechts ervaring opgedaan bij patiënten van 18 jaar en ouder.

Om zeker te zijn van een voldoende dosis Synarel mag de 8 ml flacon maximaal 30 dagen (bij een
dosis van 400 microgram per dag) of 15 dagen (bij een dosis van 800 microgram per dag) worden
gebruikt. De 4 ml flacon mag maximaal 15 dagen (bij een dosis van 400 microgram per dag) of 7
dagen (bij een dosis van 800 microgram per dag) worden gebruikt.
SYNA 002 SmPC 22jul2008-c.doc

Pagina 2 van 10







Endometriose
De behandeling dient in de eerste vijf dagen van de cyclus te starten. De aanbevolen dosering bedraagt
400 microgram per 24 uur, verdeeld over twee doses. Per dosis wordt 200 microgram nafareline
afgegeven. Toediening dient 's ochtends in het ene en 's avonds in het andere neusgat plaats te vinden.
De aanbevolen duur van de therapie bedraagt zes maanden. Bij sommige patiënten kan 400 microgram
nafareline per dag onvoldoende zijn om amenorroe te bewerkstelligen. Bij deze patiënten kan de dosis
verhoogd worden tot 800 microgram per dag. Toediening dient in dat geval 's ochtends plaats te
vinden in elk neusgat (totaal twee verstuivingen), waarna dit 's avonds wordt herhaald.
Indien de symptomen van endometriose na de therapie opnieuw optreden en verdere behandeling met
Synarel wordt overwogen, dan wordt aanbevolen de botdichtheid te meten voordat de hernieuwde
behandeling wordt gestart. De gevonden waarden dienen binnen de normale grenzen te zijn.
Hergebruik van Synarel kan alleen worden overwogen in gevallen van ernstige endometriose, waarbij
een jaar is verstreken tussen het einde van de vorige kuur en de start van de nieuwe kuur.

Omdat geen veiligheidsgegevens beschikbaar zijn kan een hernieuwde behandeling met Synarel echter
niet worden aanbevolen.

Patiënten dienen te worden geïnformeerd over het belang van een continue toediening van Synarel.

Pre-operatieve behandeling van leiomyomata van de uterus
De aanbevolen dosering bij de pre-operatieve behandeling van leiomyomata uteri is
400 microgram per 24 uur, verdeeld over twee doses. Per dosis wordt 200 microgram nafareline
afgegeven. Toediening dient 's ochtends in het ene en 's avonds in het andere neusgat plaats te vinden.
De aanbevolen duur van de therapie bedraagt drie maanden, waarna hysterectomie plaatsvindt.

Gecontroleerde ovariële stimulatie bij in-vitrobevruchting
De aanbevolen dosering is 400 microgram (toediening dient 's ochtends in het ene en 's avonds in het
andere neusgat plaats te vinden). In het lange protocol wordt Synarel toegediend tot, na een
aanvankelijke gonadotrofine stimulatie of "flare up" (van 10-15 dagen), hypofysaire desensibilisatie of
"down regulation" optreedt. De desensibilisatie is bereikt als de plasmaconcentraties van oestradiol
50 ng/l en die van progesteron 1 µg/l bedragen. De meerderheid van de patiënten bereikt de
desensibilisatie binnen vier weken. Voor sommige patiënten is een dosering van 800 microgram
('s ochtends en 's avonds in beide neusgaten) nodig om deze waarden te bereiken.Als de
desensibilisatie bereikt is, begint men de gecontroleerde ovariële stimulatie met gonadotrofinen (bijv.
hMG), terwijl Synarel verder gebruikt wordt tot op het ogenblik dat hCG toegediend wordt. Dit
gebeurt gewoonlijk 8-12 dagen later, wanneer de follikels rijp zijn.

Synarel kan, behalve in lange protocollen, ook in zogenaamde korte protocollen gebruikt worden,
waarbij gebruik wordt gemaakt van het "flare effect" van Synarel. Er is echter nog te weinig ervaring
opgedaan met het gebruik van Synarel in korte protocollen om deze behandelingsmethode op
werkzaamheid te kunnen toetsen.

De behandeling met het lange protocol mag gestart worden in de vroege folliculaire fase (dag 2) of in
het midden van de luteale fase (gewoonlijk dag 21).

Controle van de behandeling, de oöcytentransfer en fertilisatietechnieken worden uitgevoerd volgens
de normale procedure die in de betreffende kliniek als standaard gelden. Indien gewenst kan de luteale
fase worden ondersteund met behulp van hCG of progesteron.
SYNA 002 SmPC 22jul2008-c.doc

Pagina 3 van 10







4.3. Contra-indicaties

·
Overgevoeligheid voor GnRH, GnRH-analogen of voor een van de hulpstoffen.
·
Niet-gediagnostiseerde abnormale vaginale bloeding.
·
Borstvoeding. Het is onbekend of nafareline in de moedermelk wordt uitgescheiden. Eventuele
effecten op de zuigeling zijn eveneens onbekend.

4.4. Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik

Synarel dient uitsluitend te worden voorgeschreven door een specialist met ervaring op het gebied van
de behandeling van endometriose en leiomyomata uteri en na zorgvuldige indicatiestelling
(bijvoorbeeld laparoscopie). Vóór het gebruik van Synarel dient zwangerschap te worden uitgesloten.
Orale anticonceptiva en andere contraceptiemaatregelen op hormonale basis dienen voor de aanvang
van de therapie te worden gestaakt. Andere methoden van contraceptie dienen te worden gebruikt, in
het bijzonder gedurende de eerste twee maanden van de behandeling. Bij gebruik van Synarel in de
juiste dosering treedt remming van de ovulatie op. Indien meerdere doses worden vergeten kan een
ovulatie optreden, met als mogelijk gevolg een zwangerschap. In dat geval dient de toediening van
Synarel gestaakt te worden en dient de patiënt te worden geïnformeerd omtrent een mogelijk nadelig
effect op de foetus.
Tijdens gecontroleerd klinisch onderzoek hadden enkele vrouwen gedurende de eerste twee maanden
van het Synarel-gebruik een variabel patroon van vaginale bloedingen.

Na langdurige toediening van hoge doseringen wordt bij de rat en in de muis een toename van
hypofyse-tumoren waargenomen. De relevantie hiervan voor het ontstaan van hypofysaire afwijkingen
bij de mens is onbekend.

Behandeling met Synarel gedurende enige maanden kan leiden tot verlies van botweefsel, met name
van de wervels (zie bijwerkingen). In het algemeen treedt er een herstel op na staken van de therapie,
zij het niet volledig. Hergebruik van Synarel kan alleen worden overwogen in gevallen van ernstige
endometriose, waarbij een jaar is verstreken tussen het einde van de vorige kuur en de start van de
nieuwe kuur. Omdat geen veiligheidsgegevens beschikbaar zijn kan een hernieuwde behandeling met
Synarel echter niet worden aanbevolen.

Patiënten met depressie in de anamnese dienen alleen onder strikte medische controle te worden
behandeld.

In de eerste twee maanden van de therapie met Synarel zijn ovariële cysten gerapporteerd. Vele, maar
niet alle, gevallen deden zich voor bij patiënten met het polycysteus ovarium syndroom. Deze cysten
kunnen spontaan verdwijnen, meestal na vier tot zes weken therapie, maar in sommige gevallen is het
noodzakelijk het gebruik van Synarel te staken en/of chirurgisch in te grijpen.

Tijdens IVF procedures kan een Ovariëel HyperStimulatie Syndroom (OHSS) optreden. Dit syndroom
wordt gekenmerkt door een overdreven folliculaire respons op gonadotrofinestimulatie. Deze respons
wordt getriggered door een luteïniserende stof (bijv. door hCG toediening of door een spontane
stijging in LH). Symptomen zijn ovariële vergroting en een toename in capillaire permeabiliteit,
leidend tot verlies van eiwitrijke vloeistof vanuit het intravasculaire compartiment. Hierdoor kan
hypovolaemie, oligurie, ascites, pleurale exsudatie, hemoconcentratie, electrolytstoornissen en
leverfunctiestoornissen ontstaan. Aangezien OHSS een potentieel ernstige aandoening is, wordt in de
SYNA 002 SmPC 22jul2008-c.doc

Pagina 4 van 10






literatuur aanbevolen bij patiëntes met een verhoogd risico (pre-ovulatoire E2 spiegels > 2000 ng/l en
overdreven multifolliculaire ontwikkeling d.i. meer dan 15 follikels van ieder meer dan 12 mm
doorsnee) hMG stimulatie te stoppen. Synarel dient in ieder geval gecontinueerd te worden om een
spontane LH-piek te vermijden. Eventueel kan na herstel folliculaire stimulatie opnieuw begonnen te
worden, echter met een lagere dosis gonadotrofinen.

Werkzaamheid van Synarel bij de behandeling van endometriose bij kinderen onder 18 jaar is niet
aangetoond.

Synarel bevat benzalkoniumchloride als conserveermiddel (0,1 mg/ml). Dit kan bij inhalatie broncho-
spasmen veroorzaken.

Na toediening van Synarel gedurende zes maanden treedt een vermindering van circa 8,7 % van de
dichtheid van het trabeculaire vertebrale bot op, evenals een vermindering van de vertrebrale massa
van circa 4,3 %. Daarentegen is waargenomen dat er geen of slechts geringe vermindering van de
minerale structuur van compact bot optreedt (gemeten aan het distale uiteinde van de radius en aan het
tweede metacarpale bot). Na het staken van de therapie treedt aanmerkelijk herstel van de botdichtheid
op.

4.5. Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie


Nafareline wordt door peptidases afgebroken en niet door cytochroom P450 enzymen. Derhalve is een
farmacokinetische interactie met andere geneesmiddelen niet waarschijnlijk.
Bovendien is nafareline slechts voor circa 80% aan plasma-eiwitten (albumine) gebonden. Derhalve is een
interactie op het niveau van de eiwitbinding eveneens niet waarschijnlijk.

Indien gelijktijdig gebruik van een lokaal decongestivum noodzakelijk is, dan dient een interval van
minimaal 30 minuten te worden aangehouden na de toediening van Synarel.

Toediening van nafareline in therapeutische dosering resulteert in een remming van het hypofysaire-
gonadale systeem. De normale werking wordt normaliter binnen vier tot acht weken na staken van de
therapie hersteld. Diagnostische tests van de hypofysair-gonadale functie tijdens Synarel-gebruik en tot
vier à acht weken na het staken van de therapie zullen derhalve gestoord worden.

4.6. Zwangerschap en borstvoeding


Zwangerschap:
Synarel is niet geïndiceerd voor gebruik tijdens zwangerschap.
Gegevens over het gebruik tijdens een beperkt aantal zwangerschappen laten geen
negatieve/schadelijke effecten zien van nafareline op de zwangerschap of op de gezondheid van de
foetus/pasgeborene. Dierstudies hebben reproductie toxiciteit aangetoond (zie rubriek 5.3).
Het mogelijke risico voor mensen is onbekend. Synarel dient, op grond van de remmende werking op
de hypothalamus/hypofyse/gonade as, niet te worden gebruikt tijdens de zwangerschap.

Borstvoeding:
Synarel is niet geïndiceerd voor gebruik tijdens lactatie. Het is niet bekend of nafareline overgaat in
moedermelk. Vanwege de mogelijkheid van bijwerkingen bij zuigelingen door nafareline, dient
borstvoeding te worden stopgezet vóór de aanvang van de behandeling.

SYNA 002 SmPC 22jul2008-c.doc

Pagina 5 van 10






4.7. Beïnvloeding van de rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen

Vooralsnog zijn er geen aanwijzingen voor een negatief effect op de rijvaardigheid en het vermogen om
machines te bedienen.

4.8. Bijwerkingen


In het begin van de behandeling met nafareline kunnen verergering van endometriose en andere
symptomen van verstoring van de oestrogeenbalans optreden. Deze bijwerkingen zijn van
voorbijgaande aard. Chronische behandeling kan de menopauze induceren.

De geschatte frequencies van bijwerkingen zijn als volgt onderverdeeld: zeer vaak (1/10), vaak
(1/100, <1/10); soms (1/1.000, <1/100); zelden (1/10.000, <1/1.000); zeer zelden (<1/10.000); niet
bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald).

Bloed- en lymfestelselaandoeningen
Niet bekend: neutropenie

Zenuwstelselaandoeningen
Vaak: hoofdpijn
Soms: paresthesie

Ademhalingsstelsel-, borstkas- en mediastinumaandoeningen
Vaak: irritatie van het neusslijmvlies
Soms: ademtekort

Maagdarmstelselaandoeningen
Niet bekend: gastro-intestinale klachten

Nier- en urinewegaandoeningen
Niet bekend: dysurie

Huid- en onderhuidaandoeningen
Vaak: acne
Soms: overgevoeligheid, pruritus, rash, urticaria
Zelden: alopecia
Niet bekend: seborrhoe, hirsutisme

Skeletspierstelsel- en bindweefselaandoeningen
Vaak: spierpijn, vermindering van de botdichtheid
Niet bekend: gewrichtssymptomen

Voedings- en stofwisselingsstoornissen
Niet bekend: gewichtsveranderingen

Bloedvataandoeningen
Vaak: opvliegingen
Niet bekend: veranderingen in de bloeddruk

SYNA 002 SmPC 22jul2008-c.doc

Pagina 6 van 10






Algemene aandoeningen en toedieningsplaatsstoornissen
Niet bekend: oedeem

Lever- en galaandoeningen
Niet bekend: lichte verhoging van de leverenzymen (SGOT, SGPT, AF, GGT).

Voortplantingsstelsel- en borstaandoeningen
Vaak: verandering van libido, vaginale droogheid, verminderd volume van de borsten
Soms: pijn op de borst, ovariële cysten
Zeer zelden: uteriene hemorrhagie

Psychische stoornissen

Vaak: depressie, emotionele instabiliteit, slapeloosheid

4.9. Overdosering

In geval van orale overdosering met Synarel wordt het nafareline direct enzymatisch afgebroken in het
maag-darmkanaal en wordt daardoor inactief. Er zijn geen gegevens omtrent overdosering via
intranasale toediening beschikbaar.


5. FARMACOLOGISCHE
EIGENSCHAPPEN

5.1. Farmacodynamische
eigenschappen

Farmacotherapeutische categorie: hypofyse en hypothalamus hormonen, gonadotropine releasing
hormonen, ATC-code: H01CA02

Nafareline is een synthetisch decapeptide en een analoog van het natuurlijke Gonadotropine Releasing
Hormone (GnRH).

Na enkelvoudige toediening stimuleert nafareline de afgifte van hypofysaire gonadotropines, LH en
FSH, met als gevolg een verhoging van de ovariële- of testiculaire steroïdsecretie.

Dagelijkse toediening gedurende drie tot vier weken leidt echter tot een vermindering van de
uitscheiding van hypofysaire gonadotropines en/of de secretie van gonadotropines met een
verminderde biologische activiteit. Als gevolg hiervan worden de ovariële- of testiculaire
steroïdsecretie en de functies van gonadale steroïd-afhankelijke weefsels geremd.
Deze blokkade van de hypofysair-gonadale as is reversibel na het staken van de therapie.

5.2. Farmacokinetische
eigenschappen

Na intranasale toediening wordt nafareline snel geabsorbeerd en opgenomen in de algemene circulatie. De
biologische beschikbaarheid van de oplossing bedraagt gemiddeld 2,8% (1,2% tot 5,6%). De maximale
plasmaconcentratie wordt 30 minuten na toediening bereikt en bedraagt circa 0,62 ng/ml of 1,5 ng/ml na
respectievelijk toediening van 200 of 400 microgram.

De plasmahalfwaardetijd bedraagt circa twee tot vier uur. Intranasale toediening van nafareline bij rhinitis
geeft een licht verhoogde resorptie die echter niet klinisch relevant wordt geacht. Bij gebruik van lokale
SYNA 002 SmPC 22jul2008-c.doc

Pagina 7 van 10






decongestiva binnen 30 minuten voor nafareline toediening wordt de resorptie van nafareline verminderd.
Niezen tijdens of kort na de toediening van Synarel kan de resorptie verminderen. In dat geval dient de
toediening te worden herhaald.

In-vitro studies hebben aangetoond dat nafareline voor circa 78-84 % aan eiwit is gebonden (hoofdzakelijk
aan albumine). Het natuurlijke GnRH is voor circa 22-25 % aan eiwit gebonden. Na toediening van 14C-
gelabeld nafareline via een subcutane injectie wordt circa 50 % van het label teruggevonden in de faeces
en circa 35 % in de urine binnen zeven dagen na doseren. Excretie vindt voornamelijk plaats in de vorm
van metabolieten; slechts twee à drie procent wordt onveranderd in de urine uitgescheiden.

5.3. Gegevens uit het preklinisch veiligheidsonderzoek


Op grond van conventionele dierstudies met betrekking tot de veiligheidsfarmacologie, toxiciteit bij
herhaalde dosering, genotoxiciteit zijn er voor de mens geen andere risico's dan op basis van het
farmacologische werkingsmechanisme kan worden verwacht.

Bij knaagdieren zijn bij hoge doseringen gedurende lange perioden tumoren van de endocriene organen,
inclusief de adenohypofyse, waargenomen. Dergelijke tumoren in knaagdieren zijn ook bekend voor
andere GnRH-agonisten. De invloed van nafareline op het ontstaan van afwijkingen in de endocriene
organen bij de mens is onbekend. De waarneming wordt niet als relevant voor de mens beschouwd.

Van nafareline is aangetoond dat het bij klinisch relevante doseringen embryo-/foetotoxisch is en dat het
een vertraging van de embryo-foetale ontwikkeling bij ratten veroorzaakt. Teratogene effecten zijn niet
waargenomen.


6. FARMACEUTISCHE
GEGEVENS

6.1. Lijst van hulpstoffen


Sorbitol (E420i), benzalkoniumchloride, azijnzuur (E260), natriumhydroxide (E524) of zoutzuur
(E507) ter verkrijging van een pH van 5,2 en water.

6.2. Gevallen van onverenigbaarheid


Niet van toepassing.

6.3. Houdbaarheid


2 jaar
Na openen is de 8 ml flacon maximaal 30 dagen (bij een dosis van 400 microgram per dag) of 15 dagen
(bij een dosis van 800 microgram per dag) houdbaar.
Na openen is de 4 ml flacon maximaal 15 dagen (bij een dosis van 400 microgram per dag) of 7 dagen (bij
een dosis van 800 microgram per dag) houdbaar.

6.4. Speciale voorzorgsmaatregelen bij bewaren

Bewaren beneden 25ºC. Niet in de koelkast of de vriezer bewaren.
Bewaren in de oorspronkelijke verpakking.
SYNA 002 SmPC 22jul2008-c.doc

Pagina 8 van 10







6.5. Aard en inhoud van de verpakking

Een glazen flacon met 4 ml of 8 ml oplossing, met spraypomp van polypropyleen.
Niet alle genoemde verpakkingsgrootten worden in de handel gebracht.

6.6. Speciale voorzorgsmaatregelen voor het verwijderen en andere instructies

Synarel wordt met behulp van het doseerpompje in de neus toegediend.

De volgende instructies zijn van toepassing bij de voorbereiding en toediening van Synarel.

Het klaarmaken van de flacon
Dit hoeft slechts één keer (bij een nieuwe flacon) te worden gedaan.

1. Haal de veiligheidsclip en het beschermkapje
van de flacon.


2. Houdt de flacon vast met twee vingers op de
`schouders' en de duim aan de onderkant van
de flacon (zie figuur 2 hiernaast). Houdt de
flacon rechtop en druk het pompje enkele
keren snel en stevig in totdat een fijne nevel


verschijnt (meestal na 5-7 keer).

Het is niet nodig dit voor iedere volgende
toediening te herhalen.

De flacon is nu klaar voor gebruik.

3. Voorkom dat u de verstuiving inademt.

4. Buiten het bereik en zicht van kinderen
houden.
5. Ook zwangeren dienen niet in aanraking te
komen met Synarel neusspray.

Toedieningswijze
Bij elke dosering dient de volgende instructie te worden gevolgd:

1. Snuit uw neus voor toediening.


2. Haal de veiligheidsclip en het beschermkapje
van de flacon. Houdt de flacon vast met twee
vingers op de `schouders' en de duim aan de
onderkant van de flacon.

SYNA 002 SmPC 22jul2008-c.doc

Pagina 9 van 10







3. Houdt uw hoofd licht naar voren gebogen.
Houdt met een hand een neusgat dicht en
breng met de andere hand het uiteinde van de
flacon tot achterin het andere neusgat.


4. Druk éénmaal snel en stevig op de bodem van
de flacon terwijl u inademt door de neus.

Als uw arts u heeft meegedeeld dat u per keer

twee doses moet nemen, herhaal punt 4 dan met
het andere neusgat.

5. Haal de flacon uit uw neus waarbij u uw
hoofd licht achterover houdt om de
verstuiving zich goed achterin de neus te laten
verdelen.

6. Maak de top van de doseerpomp schoon met
een zacht doekje of een tissue. Breng de
veiligheidsclip en het beschermkapje weer aan
op de flacon.



Deze instructie moet bij toediening gevolgd worden met inachtneming van de dosering (zie rubriek
4.2).

Het schoonmaken van doseerpomp

De doseerpomp moet iedere 3 tot 4 dagen gereinigd worden om achtergebleven restjes uit de neus te
verwijderen.

1. Haal de veiligheidsclip en het beschermkapje
van de flacon.

2. Houdt de flacon horizontaal met de

doseerpomp onder een straal warm stromend
water, terwijl u de doseerpomp zachtjes met
uw vinger of een zacht doekje schoonwrijft.

3. Droog de doseerpomp met een schone zachte
doek of tissue en plaats de beschermkap en de
veiligheidsclip weer op de flacon.


BELANGRIJK:
De doseerpomp niet schoonmaken met een puntig voorwerp. Dit kan schade aan de spray veroorzaken.
De doseerpomp niet van de flacon afhalen. Hierdoor vervalt de druk in de flacon die nodig is voor de
toediening.
SYNA 002 SmPC 22jul2008-c.doc

Pagina 10 van 10








7.
HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN

Pfizer bv
Rivium Westlaan 142
2909 LD Capelle aan den IJssel


8.
NUMMER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN

In het register ingeschreven onder RVG 15086.


9.
DATUM VAN EERSTE VERLENING VAN DE VERGUNNING/HERNIEUWING VAN
DE VERGUNNING

14 oktober 1991


10.
DATUM VAN HERZIENING VAN DE TEKST

Laatste volledige herziening: 30 juli 2008
SYNA 002 SmPC 22jul2008-c.doc

Pagina 11 van 10






« Vorige

[Synapause-E3 1 mg, tabletten]

Volgende »

[Synarel neusspray 200 microgram per dosis]

Gevonden op deze pagina: