Exmedica
 
   




Delen via:




2007

    Home > Nieuws > 2007

Nauwelijks oog voor kosten en baten in de zorg

Nieuws van: Staatscourant nr. 195, 9 oktober 2007
De kosteneffectiviteit van nieuwe medische technologie speelt momenteel nauwelijks een rol in de richtlijnen van artsen. Meer aandacht hiervoor kan veel welvaartswinst opleveren, stelt het Centraal Planbureau (CPB).

Zaken als nieuwe geneesmiddelen en medische apparatuur zijn volgens de onderzoekers een belangrijke, 'zo niet de belangrijkste' oorzaak van de steeds maar stijgende zorguitgaven. Daarbij worden in de praktijk twee typen fouten gemaakt. Zo komt het voor dat welvaartverlagende technologie, waarvan de kosten te hoog zijn ten opzichte van de baten, wordt ingevoerd. Andersom krijgt welvaartverhogende technologie soms geen kans.

Om de kosteneffectiviteit van medische behandelingen te kunnen vaststellen, kijken economen naar de prijs van een jaar doorgebracht in perfecte gezondheid (Qaly). Deze maatstaf kan betrekking hebben op de meest uiteenlopende aandoeningen, zo leggen de auteurs uit in het rapport Qaly-tijd - Nieuwe medische technologie, kosteneffectiviteit en richtlijnen.

Voor zover het begrip in Nederland wordt toegepast, is het uitgangspunt dat de kosten per Qaly mogen oplopen tot maximaal € 20.000. 'Zorg die duurder is zou volgens dit criterium niet kosteneffectief zijn. Deze drempelwaarde is niet tot stand gekomen door politieke besluitvorming, maar duikt voor het eerst op in de cholesterolrichtlijn uit 1998. Sindsdien geldt dit bedrag als een soort ijkpunt.'

De aandacht voor kosteneffectiviteit blijft echter beperkt tot de toelating van nieuwe geneesmiddelen en de invoering van landelijke gezondheidsonderzoeken. Bovendien is het criterium daarbij niet doorslaggevend. Eerder bleek bijvoorbeeld dat een preventief bevolkingsonderzoek naar dikkedarmkanker een welvaartswinst van € 170 miljoen tot bijna 1 miljard kan opleveren, maar dat onderzoek is er nog steeds niet.

Omdat de kosteneffectiviteit in de medische wereld mede afhangt van persoonlijke kenmerken van de patiënt - zoals leeftijd, gezondheidstoestand en consumptiepatroon - zouden 'globale pakketbeslissingen' ongewenst zijn. De kosten per Qaly zouden wél meegewogen kunnen worden in praktijkrichtlijnen. 'Hierin wordt aangegeven welke behandeling in welke omstandigheden het meest passend is.'

Het CPB ziet verschillende mogelijkheden om kosteneffectiviteit op te nemen in de richtlijnen. De eerste is dat de overheid de formulering van de uitgangspunten overlaat aan een onafhankelijk instituut, al dan niet in samenwerking met betrokken partijen. Financiering van het opstellen van de richtlijnen, onder de voorwaarde dat rekening wordt gehouden met kosten en baten, zou een andere optie zijn.
www.staatscourant.nl/staatscourant/nieuwsbericht.asp?ID=12985 - 9 Oct 2007



« Vorige

[LUMC organiseert Wetenschapsmarkt: ‘Topje van de IJsberg!’]

Volgende »

[Generieke pil verkoopt beter]