Bestanden
Home > Bestanden


Risedronaatnatrium Mylan 5 mg, filmomhulde tabletten

RegistratienummerRVG 106385
ProcedurenummerDK/H/1276/001
Farmaceutische vormFilmomhulde tablet
ToedieningswegOraal gebruik
ATCM05BA07 - Risedronic Acid
AfleverstatusUitsluitend recept
Registratiedatum05 augustus 2010
RegistratiehouderMylan B.V.
Dieselweg 25
3752 LB BUNSCHOTEN
Werkzame stof(fen)NATRIUMRISEDRONAAT 2,5-WATER
SAMENSTELLING
overeenkomend met
RISEDRONINEZUUR
Hulpstof(fen)CELLULOSE, MICROKRISTALLIJN (E 460)
CROSPOVIDON (E 1202)
HYPROMELLOSE (E 464)
LACTOSE 1-WATER
MACROGOL 4000
MAGNESIUMSTEARAAT (E 572)
MAISZETMEEL, GEPREGELATINEERD
TITAANDIOXIDE (E 171)
Download: IB-tekst PDF
Zie ook: Bijsluiter


Risedronaatnatrium Mylan 5 mg, filmomhulde tabletten 
SmPC (Augustus 2010)
1. 
NAAM VAN HET GENEESMIDDEL 
 
Risedronaatnatrium Mylan 5 mg, filmomhulde tabletten 
 
 
2. 
KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING 
 
Bevat per filmomhulde tablet 5 mg natriumrisedronaat (overeenkomend met 4,64 mg risedroninezuur). 
 
Hulpstoffen: Elke filmomhulde tablet bevat 0,57 mg lactose. 
 
Voor een volledige lijst van hulpstoffen, zie rubriek 6.1. 
 
 
3. FARMACEUTISCHE 
VORM 
 
Filmomhulde tablet. 
Witte, ronde, biconvexe filmomhulde tablet met een diameter van 6,1 mm en een dikte van 2,6 mm. 
 
 
4. KLINISCHE 
GEGEVENS 
 
4.1 Therapeutische 
indicaties 
 
Behandeling van postmenopauzale osteoporose om het risico van wervelfracturen te verminderen. 
Behandeling van bewezen postmenopauzale osteoporose om het risico van heupfracturen te 
verminderen. Preventie van osteoporose bij postmenopauzale vrouwen met een verhoogd risico op 
osteoporose (zie rubriek 5.1).  
 
Behouden of vergroten van de botmassa bij postmenopauzale vrouwen die een langdurige (meer dan 3 
maanden) systemische behandeling met corticosteroïden ondergaan met doses ≥ 7,5 mg/dag prednison 
of equivalenten hiervan. 
 
4.2 

Dosering en wijze van toediening 
 
De aanbevolen dagelijkse dosering voor volwassenen is één tablet van 5 mg oraal. De absorptie van 
natriumrisedronaat wordt beïnvloed door voedsel. Om adequate absorptie te garanderen dienen 
patiënten natriumrisedronaat daarom als volgt in te nemen:  
•  Vóór het ontbijt: tenminste 30 minuten vóór andere geneesmiddelen en het eerste eten of drinken 
van de dag (met uitzondering van gewoon leidingwater).  
 
Indien inname vóór het ontbijt niet praktisch is, kan natriumrisedronaat tussen de maaltijden of ’s 
avonds ingenomen worden; elke dag op hetzelfde tijdstip, met strikte opvolging van onderstaande 
instructies om er zeker van te zijn dat natriumrisedronaat op een lege maag wordt ingenomen:  
•  Tussen de maaltijden: natriumrisedronaat moet ingenomen worden tenminste 2 uur vóór en 
tenminste 2 uur na andere geneesmiddelen, eten of drinken (met uitzondering van gewoon 
leidingwater).  
•  ’s Avonds: natriumrisedronaat moet tenminste 2 uur na andere geneesmiddelen en het laatste eten 
of drinken van de dag (met uitzondering van gewoon leidingwater) ingenomen worden. 
Natriumrisedronaat moet tenminste 30 minuten voor het slapen gaan worden ingenomen.  
 
Indien incidenteel een dosis vergeten is, kan natriumrisedronaat ingenomen worden vóór het ontbijt, 
tussen de maaltijden of ’s avonds volgens bovengenoemde instructies.  
De tabletten moeten in het geheel worden doorgeslikt en er mag niet op gezogen of gekauwd worden. 
Om het transport van de tablet naar de maag te bevorderen moet natriumrisedronaat in een verticale 
 
Pagina 1 van 9 

Risedronaatnatrium Mylan 5 mg, filmomhulde tabletten 
SmPC (Augustus 2010) 
positie ingenomen worden met een glas gewoon leidingwater (≥ 120 ml). Patiënten dienen nadat de 
tablet is ingenomen de eerstvolgende 30 minuten niet te gaan liggen (zie rubriek 4.4).  
 
Suppletie van calcium en vitamine D dient te worden overwogen bij onvoldoende inname via de 
voeding.  
 
Ouderen
:  
Aanpassing van de dosering is niet nodig, omdat de biologische beschikbaarheid, distributie en 
eliminatie bij ouderen (> 60 jaar) vergelijkbaar was met deze van jongere patiënten.  
 
Nierfunctiestoornis:  
Bij patiënten met milde tot matige nierinsufficiëntie hoeft de dosering niet te worden aangepast. 
Natriumrisedronaat is gecontra-indiceerd bij patiënten met een ernstige nierfunctiestoornis 
(creatinineklaring lager dan 30 ml/min) (zie rubriek 4.3 en 5.2). 
 
Kinderen:  
De veiligheid en werkzaamheid van 5 mg risedronaat bij kinderen en adolescenten is niet vastgesteld. 
4.3 Contra-indicaties 
 
Overgevoeligheid voor natriumrisedronaat of voor één van de hulpstoffen. 
Hypocalciëmie (zie rubriek 4.4). 
Zwangerschap en borstvoeding. 
Ernstige nierinsufficiëntie (creatinineklaring < 30 ml/min). 
 
4.4 
Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik 
 
Voedsel, drank (met uitzondering van gewoon leidingwater) en geneesmiddelen die meerwaardige 
kationen bevatten (zoals calcium, magnesium, ijzer en aluminium) kunnen de absorptie van 
bisfosfonaten verstoren en mogen niet tegelijkertijd worden ingenomen met natriumrisedronaat (zie 
rubriek 4.5). Om de bedoelde effectiviteit te bereiken is strikte navolging van de doseringsinstructies 
noodzakelijk (zie rubriek 4.2). 
 
De werkzaamheid van bisfosfonaten bij de behandeling van postmenopauzale osteoporose hangt 
samen met de aanwezigheid van een lage botmineraaldichtheid (BMD T-score bij de heup of lumbale 
wervelkolom ≤ -2,5 SD) en/of bestaande fracturen. 
 
Hoge leeftijd dan wel klinische risicofactoren voor fracturen zijn, op zichzelf staand, geen redenen om 
een osteoporosebehandeling met een bisfosfonaat te starten. Er bestaat slechts beperkt bewijs voor de 
effectiviteit van bisfosfonaten waaronder risedronaat bij zeer oude vrouwen (> 80 jaar), (zie rubriek 
5.1).  
 
Bisfosfonaten zijn in verband gebracht met oesofagitis, gastritis en ulceratie van de oesofagus en 
gastroduodenum. Daarom is voorzichtigheid geboden:• Bij patiënten met een voorgeschiedenis van 
oesofagusaandoeningen die de passage door de slokdarm of de lediging ervan vertragen zoals 
stricturen en achalasie. 
• Bij patiënten die niet in staat zijn om 30 minuten na de inname van de tablet rechtop te kunnen 
blijven zitten of staan. 
• Wanneer natriumrisedronaat wordt gegeven aan patiënten met actieve of recente problemen van de 
oesofagus of bovenste gastrointestinale problemen. 
 
Artsen moeten bij patiënten het belang van de doseringsinstructies uitleggen en benadrukken alert te 
zijn op aanwijzingen en symptomen van mogelijke oesofagale reactie. Patiënten moeten geïnstrueerd 
worden om tijdig medische hulp te zoeken indien zij klachten van oesofagale irritatie zoals disfagie, 
pijn bij slikken, retrosternale pijn of nieuwe/verergerde zuurbranden ontwikkelen. 
 
 Pagina 2 van 9 
 

Risedronaatnatrium Mylan 5 mg, filmomhulde tabletten 
SmPC (Augustus 2010) 
Hypocalciëmie moet worden behandeld, voordat met natriumrisedronaat wordt gestart. Andere 
stoornissen van het bot- en mineraalmetabolisme (bijvoorbeeld dysfunctie van de bijschildklier, 
hypovitaminose D) moeten worden behandeld, wanneer met natriumrisedronaat wordt gestart. 
 
Osteonecrose van de kaak, algemeen geassocieerd met het trekken van tanden en/of lokale infectie 
(inclusief osteomyelitis) is gemeld bij kankerpatiënten met behandelingsschema’s met daarin primair 
intraveneus toegediende bisfosfonaten. Veel van deze patiënten kregen ook chemotherapie en 
corticosteroïden. Osteonecrose van de kaak is ook gemeld bij osteoporosepatiënten die orale 
bisfosfonaten kregen. 
 
Een tandonderzoek met geschikte preventieve tandheelkunde moet overwogen worden vóór de 
behandeling met bisfosfonaten bij patiënten met bijkomende risicofactoren (bv. kanker, 
chemotherapie, radiotherapie, corticosteroïden, slechte mondhygiëne). 
 
Tijdens de behandeling moeten deze patiënten zo mogelijk invasieve tandbehandelingen vermijden. 
Voor patiënten die osteonecrose van de kaak ontwikkelen tijdens de therapie met bisfosfonaten, 
kunnen tandheelkundige operaties de klachten verergeren. Voor patiënten waarvoor tandheelkundige 
operaties noodzakelijk zijn, zijn geen gegevens beschikbaar die aangeven of discontinueren van de 
behandeling met bisfosfonaten het risico op osteonecrose van de kaak vermindert. De klinische 
beoordeling door de behandelend arts dient de richtlijn te zijn voor het behandelingsplan van elke 
patiënt, gebaseerd op een individuele afweging van de voor- en nadelen. 
 
Dit geneesmiddel bevat lactose. Patiënten met zeldzame erfelijke aandoeningen als galactose-
intolerantie, Lapp lactasedeficiëntie of glucose-galactose malabsorptie, dienen dit geneesmiddel niet te 
gebruiken. 
 
4.5 
Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie 
 
Formele interactiestudies zijn niet uitgevoerd. Tijdens de klinische studies werden echter geen klinisch 
relevante interacties met andere geneesmiddelen gevonden. Tijdens de fase III studies van 
natriumrisedronaat met een dagelijkse dosering voor behandeling van osteoporose, vermeldde 33 % 
van de patiënten ook acetylsalicylzuur te gebruiken en 45 % NSAIDs.  
 
Natriumrisedronaat kan tegelijk met oestrogeensuppletie worden gebruikt, indien dit gewenst wordt 
geacht. 
 
Voedsel, drank (afgezien van gewoon leidingwater) en geneesmiddelen die meerwaardige kationen 
bevatten (bijvoorbeeld calcium, magnesium, ijzer en aluminium) verstoren de absorptie van 
natriumrisedronaat (zie rubriek 4.4). 
 
Natriumrisedronaat wordt niet systemisch gemetaboliseerd, geeft geen cytochroom P450 inductie en 
heeft een geringe eiwitbinding. 
 
4.6 

Zwangerschap en borstvoeding 
 
Er zijn geen adequate gegevens beschikbaar over het gebruik van natriumrisedronaat bij zwangere 
vrouwen. Onderzoek bij dieren heeft reprotoxiciteit aangetoond (zie rubriek 5.3). Het potentiële risico 
voor de mens is niet bekend. Onderzoek bij dieren heeft aangetoond dat een kleine hoeveelheid 
natriumrisedronaat overgaat in moedermelk.  
Natriumrisedronaat mag niet tijdens de zwangerschap of bij borstvoeding worden gebruikt. 
 
4.7 
Beïnvloeding van de rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen 
 
Er werden geen effecten waargenomen die de rijvaardigheid en het vermogen om machines te 
bedienen beïnvloedden. 
 
 Pagina 3 van 9 
 

Risedronaatnatrium Mylan 5 mg, filmomhulde tabletten 
SmPC (Augustus 2010) 
4.8 Bijwerkingen 
 
In fase III studies werd het gebruik van natriumrisedronaat bij meer dan 15.000 patiënten bestudeerd. 
In de klinische studies was de meerderheid van de bijwerkingen licht tot matig van ernst en meestal 
was stoppen van de behandeling niet nodig. 
 
Bijwerkingen, gerapporteerd tijdens de fase III klinische studies bij postmenopauzale vrouwen met 
osteoporose, behandeld tot 36 maanden met natriumrisedronaat 5 mg/dag (n=5.020) of placebo 
(n=5.048), gezien als mogelijk of waarschijnlijk gerelateerd aan natriumrisedronaat, zijn hieronder 
weergegeven. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de volgende indeling (voorvallen versus placebo 
worden weergegeven tussen haakjes):  
zeer vaak (≥1/10); vaak (≥1/100, <1/10); soms (≥1/1.000, <1/100); zelden (≥1/10.000, <1/1.000); zeer 
zelden (<1/10.000). 
 
Zenuwstelselaandoeningen: 
Vaak: hoofdpijn (1,8% vs 1,4 %). 
 
Oogaandoeningen: 
Soms: iritis*. 
 
Maagdarmstelselaandoeningen: 
Vaak: obstipatie (5,0% vs 4,8%), dyspepsie (4,5% vs 4,1%), nausea (4,3% vs 4,0%), buikpijn (3,5% vs 
3,3%), diarree (3,0% vs 2,7%). 
Soms: gastritis (0,9% vs 0,7%), oesofagitis (0,9% vs 0,9%), dysfagie (0,4% vs 0,2%), duodenitis 
(0,2% vs 0,1%), oesofagus ulcus (0,2% vs 0,2%). 
Zelden: glossitis (<0,1% vs 0,1%), oesofagus strictuur (<0,1% vs 0,0%). 
 
Skeletspierstelsel- en bindweefselaandoeningen: 
Vaak: musculoskeletale pijn (2,1% vs 1,9%). 
 
Onderzoeken: 
Zelden: afwijkende leverfunctietests*. 
 
* Geen relevante voorvallen in de fase III osteoporose studies; frequentie is gebaseerd op 
bijwerkingen/laboratorium/bevindingen na herhaalde blootstelling uit eerdere klinische studies. 
 
Laboratoriumbevindingen: Bij sommige patiënten zijn in het begin van de behandeling voorbijgaande, 
asymptomatische, lichte dalingen van de serumcalcium- en fosfaatspiegels waargenomen. 
 
De volgende bijwerkingen zijn ook nog gemeld nadat natriumrisedronaat op de markt is gebracht 
(frequentie onbekend): 
 
Oogaandoeningen: 
Iritis, uveïtis. 
 
Skeletspierstelsel- en bindweefselaandoeningen: 
Osteonecrose van de kaak. 
 
Huid en onderhuidaandoeningen: 
Overgevoeligheid en huidreacties, zoals angio-oedeem, gegeneraliseerde uitslag, urticaria en 
blaasvormige huidreacties en leukocytoclastische vasculitis, waarvan enkele ernstig, zoals geïsoleerde 
meldingen van Stevens-Johnson syndroom en toxische epidermale necrolyse. 
Haarverlies. 
Immuunsysteemaandoeningen: 
Anafylactische reactie 
 
 Pagina 4 van 9 
 

Risedronaatnatrium Mylan 5 mg, filmomhulde tabletten 
SmPC (Augustus 2010) 
Lever- en galaandoeningen: 
Ernstige leveraandoeningen. In de meeste van de gemelde gevallen werden de patiënten tevens 
behandeld met andere producten waarvan bekend is dat het leveraandoeningen veroorzaakt. 
 
 
 
 
 
4.9 Overdosering
 
 
Er is geen specifieke informatie beschikbaar over de behandeling van overdosering met 
natriumrisedronaat. 
 
Na substantiële overdosering kan een daling van de serumcalciumspiegel worden verwacht. Bij 
sommige van deze patiënten zouden ook tekenen en symptomen van hypocalciëmie kunnen optreden.  
Melk of antacida die magnesium, calcium of aluminium bevatten, dienen te worden toegediend om 
risedronaat te binden en de absorptie van natriumrisedronaat te verminderen. In gevallen van 
substantiële overdosering kan maagspoeling worden overwogen om niet-geabsorbeerd 
natriumrisedronaat te verwijderen. 
 
 
5. FARMACOLOGISCHE 
EIGENSCHAPPEN 
 
5.1 Farmacodynamische 
eigenschappen 
 
Farmacotherapeutische groep: Bifosfonaten. 
ATC-code: M05 BA07. 
 
Natriumrisedronaat is een pyridinylbisfosfonaat dat zich bindt aan bothydroxyapatiet en dat de 
botafbraak, veroorzaakt door osteoclasten, remt. De botomzetting vermindert terwijl de activiteit van 
de osteoblasten en de botmineralisatie behouden blijven. Tijdens het preklinisch onderzoek werd voor 
natriumrisedronaat een potente anti-osteoclasten en botafbraakremmende activiteit aangetoond, 
waarbij de botmassa en de biomechanische skeletsterkte dosisafhankelijk toenamen. De activiteit van 
natriumrisedronaat werd bevestigd door metingen van biochemische markers van de botomzetting 
tijdens de farmacodynamische en de klinische studies. Dalingen van de biochemische markers van de 
botomzetting werden waargenomen binnen 1 maand na starten van de behandeling en was na 3-6 
maanden maximaal.  
 
Behandeling en preventie van postmenopauzale osteoporose: 
Een aantal risicofactoren wordt geassocieerd met postmenopauzale osteoporose zoals een lage 
botmassa, een lage botmineraaldensiteit (BMD), vroege menopauze, roken of hebben gerookt en een 
familiegeschiedenis van osteoporose. Fracturen zijn het klinische gevolg van osteoporose. Het risico 
op fracturen verhoogt met het aantal risicofactoren. 
 
Het klinische programma bestudeerde het effect van natriumrisedronaat op het risico van heup- en 
wervelfracturen en omvatte vroeg en laat postmenopauzale vrouwen, met of zonder fracturen. 
Dagelijkse doses van 2,5 mg en 5 mg werden bestudeerd en alle groepen - met inbegrip van de 
controlegroepen – kregen calcium en vitamine D (wanneer de ‘baseline’ waarden laag waren). De 
absolute en relatieve risico’s voor nieuwe wervel- en heupfracturen werden door een ‘time-to-first 
event’ analyse bepaald. 
 
• 
In twee placebo-gecontroleerde studies (n = 3.661) werden vrouwen onder de 85 jaar met 
bestaande wervelfracturen geïncludeerd. Natriumrisedronaat 5 mg per dag, gegeven gedurende 3 jaar, 
verminderde het risico van nieuwe wervelfracturen vergeleken met de controlegroep. Bij vrouwen met 
respectievelijk ten minste twee dan wel ten minste één wervelfractuur, nam het relatieve risico af met 
respectievelijk 49 % en 41 % (incidentie van nieuwe wervelfracturen met natriumrisedronaat 
 Pagina 5 van 9 
 

Risedronaatnatrium Mylan 5 mg, filmomhulde tabletten 
SmPC (Augustus 2010) 
respectievelijk 18,1 % en 11,3 %, met placebo respectievelijk 29,0 % en 16,3 %). Het effect werd 
reeds gezien aan het einde van het eerste jaar behandelen. Voordelen werden ook aangetoond bij 
vrouwen met multipele fracturen bij aanvang van de behandeling. Ook verminderde 
natriumrisedronaat 5 mg, in vergelijking met de controlegroep, het jaarlijkse lengteverlies. 
 
• 
In twee andere placebo-gecontroleerde studies werden postmenopauzale vrouwen geïncludeerd 
ouder dan 70 jaar met of zonder bestaande wervelfracturen. Vrouwen van 70-79 jaar werden 
geïncludeerd met een femurhals BMD T-score < - 3 SD (– 2,5 SD wanneer NHANES III wordt 
gebruikt) en tenminste één andere risicofactor. Vrouwen ≥ 80 jaar oud konden worden geïncludeerd op 
basis van ten minste één niet-skelet gerelateerde risicofactor voor heupfracturen dan wel een lage 
femurhals BMD. Statistische significantie voor de effectiviteit van risedronaat versus placebo werd 
enkel bereikt na samenvoegen van beide behandelingsgroepen, 2,5 en 5 mg. De volgende resultaten 
zijn gebaseerd op een a posteriori analyse van subgroepen gedefinieerd volgens de klinische praktijk 
en de huidige definities van osteoporose: 
- In een subgroep patiënten met femurhals BMD T score < - 2,5 SD (NHANES III) en ten minste één 
bestaande wervelfractuur, verminderde natriumrisedronaat – gegeven gedurende 3 jaar – het risico van 
heupfracturen met 46% in vergelijking met de controlegroep (incidentie van heupfracturen met 
natriumrisedronaat in de gecombineerde 2,5 en 5 mg groepen 3,8%, met placebo 7,4 %). 
- Gegevens suggereren dat er een meer beperkte bescherming zou zijn bij hoogbejaarden (> 80 jaar). 
Dit zou te wijten kunnen zijn aan het stijgende belang van niet-skelet gerelateerde factoren met 
toenemen van de leeftijd, bij het ontstaan van heupfracturen. In deze studies tonen gegevens – 
geanalyseerd als secundair eindpunt – een vermindering aan van het risico van nieuwe wervelfracturen 
bij patiënten met een lage femurhals BMD zonder bestaande wervelfracturen en bij patiënten met een 
lage femurhals BMD met of zonder bestaande wervelfracturen. 
 
• 
Natriumrisedronaat 5 mg per dag, gegeven gedurende 3 jaar, verhoogde de BMD t.o.v. de 
controlegroep ter hoogte van de lumbale wervelkolom, femurhals, trochanter en pols en voorkwam 
botverlies ter hoogte van de midschacht radius. 
• 
Het remmend effect van natriumrisedronaat op de botomzettingssnelheid was na een jaar zonder 
behandeling volgend op 3 jaar behandeling met risedronaat 5 mg per dag, snel omkeerbaar. 
• 
Natriumrisedronaat 5 mg per dag, gegeven aan postmenopauzale vrouwen die ook oestrogenen 
gebruiken, leidde tot een BMD-toename enkel in de femurhals en de midschacht radius vergeleken met 
oestrogenen alleen.  
• 
Botbiopten van postmenopauzale vrouwen die 2 à 3 jaar natriumrisedronaat 5 mg per dag 
innamen, toonden de verwachte gematigde vermindering van de botomzetting. Bot, gevormd tijdens 
de behandeling met natriumrisedronaat, had een normale lamellaire structuur en was normaal 
gemineraliseerd. Deze gegevens, samen met de verminderde incidentie bij postmenopauzale vrouwen 
met osteoporose, van osteoporotische fracturen ter hoogte van de wervels, lijken aan te geven dat er 
geen negatief effect is op de botkwaliteit. 
• 
Endoscopische bevindingen bij een aantal patiënten met matige tot ernstige maagdarmklachten, 
zowel in de natriumrisedronaat- als in de controlegroep, gaven géén aanwijzingen voor het ontstaan 
van, aan de behandeling gerelateerde maag-, duodenum of oesofaguszweren, hoewel duodenitis in 
zeldzame gevallen werd waargenomen in de natriumrisedronaatgroep. 
• 
In een vergelijkende studie van postmenopauzale vrouwen met osteoporose betreffende 
dosering vóór het ontbijt of dosering op een ander moment van de dag, was de winst van de BMD van 
de lumbale wervelkolom statistisch hoger bij de dosering vóór het ontbijt.  
• 
Natriumrisedronaat heeft bij postmenopauzale vrouwen met osteopenie een superieur effect 
aangetoond in vergelijking met placebo ten aanzien van het verhogen van de BMD van de lumbale 
wervelkolom na 12 en 24 maanden.  
 
Door corticosteroïden geïnduceerde osteoporose:  
Het klinische programma omvatte patiënten, die in de voorafgaande 3 maanden een behandeling met 
corticosteroïden waren begonnen (≥ 7,5 mg/dag prednison of equivalenten), of patiënten die al langer 
dan 6 maanden corticosteroïden namen. De resultaten van deze studies toonden aan dat:  
 Pagina 6 van 9 
 

Risedronaatnatrium Mylan 5 mg, filmomhulde tabletten 
SmPC (Augustus 2010) 
• natriumrisedronaat 5 mg per dag, gegeven gedurende 1 jaar, leidde tot behoud of stijging van de 
BMD ter hoogte van de lumbale wervelkolom, de femurhals en de trochanter, vergeleken met de 
controlegroep.  
• in gepoolde studies, natriumrisedronaat 5 mg per dag, de incidentie van wervelfracturen, 
gecontroleerd als veiligheidscriterium, in 1 jaar verminderde ten opzichte van de controlegroep.  
• histologisch onderzoek van botbiopten bij patiënten die dagelijks corticosteroïden en 
natriumrisedronaat 5 mg innamen, geen tekenen van een verstoord mineralisatieproces vertoonden.  
 
5.2 Farmacokinetische 
eigenschappen 
 
Absorptie: 
Na een orale dosis vindt absorptie relatief snel plaats (tmax ~1 uur). In het onderzochte traject (2,5 tot 
30 mg) is de absorptie onafhankelijk van de dosis. De gemiddelde biologische beschikbaarheid na 
inname van de tablet is 0,63 % en deze neemt af wanneer natriumrisedronaat samen met voedsel wordt 
ingenomen. De biologische beschikbaarheid is vergelijkbaar bij mannen en vrouwen. 
 
Distributie: 
Het gemiddelde steady-state distributievolume bij de mens bedraagt 6,3 l/kg. De plasma-eiwitbinding 
bedraagt ongeveer 24 %. 
 
Metabolisme: 
Er zijn geen aanwijzingen dat natriumrisedronaat systemisch wordt gemetaboliseerd. 
 
Eliminatie: 
Ongeveer de helft van de geabsorbeerde dosis wordt binnen 24 uur via de urine uitgescheiden en 85 % 
van een intraveneuze dosis wordt na 28 dagen in de urine teruggevonden. De gemiddelde renale 
klaring is 105 ml/min en de gemiddelde totale klaring 122 ml/min. Het verschil in klaring kan 
waarschijnlijk worden toegeschreven als gevolg van adsorptie aan bot. De renale klaring is 
onafhankelijk van de concentratie en er bestaat een lineair verband tussen renale en creatinineklaring. 
Niet-geabsorbeerd natriumrisedronaat wordt onveranderd in de faeces uitgescheiden. Na orale 
toediening vertoont het concentratie-tijd profiel drie eliminatiefasen met een terminale halfwaardetijd 
van 480 uur.  
 
Bijzondere Populaties: 
Ouderen: 
Aanpassing van de dosering is niet nodig. 
 
Acetylsalicylzuur- en NSAID-gebruikers: 
Bij regelmatige inname van NSAIDs of acetylsalicylzuur (3 dagen of meer per week) was de 
incidentie van bijwerkingen ter hoogte van het bovenste gedeelte van het maagdarmkanaal bij 
patiënten behandeld met natriumrisedronaat vergelijkbaar met de incidentie bij de controlepatiënten. 
 
5.3 
Gegevens uit het preklinisch veiligheidsonderzoek 
 
In de toxicologische studies met natriumrisedronaat bij rat en hond, werden dosisafhankelijke toxische 
effecten op de lever gezien, die zich voornamelijk uitten als verhoogde enzymwaarden met 
histologische veranderingen in de rat. De klinische betekenis hiervan is niet bekend. Toxiciteit op de 
testikels werd waargenomen bij ratten en honden na blootstelling die boven de menselijke 
therapeutische blootstelling lag. Dosis gerelateerd voorkomen van irritatie van de bovenste luchtwegen 
werd regelmatig vastgesteld bij knaagdieren. Soortgelijke effecten zijn vastgesteld met andere 
bisfosfonaten. Effecten op de lagere luchtwegen werden ook vastgesteld bij knaagdieren na inname 
over een langere periode, maar de klinische betekenis van deze bevindingen is onduidelijk. In 
reproductie toxiciteitsstudies vertoonden foetussen van behandelde vrouwelijke ratten veranderingen 
in de ossificatie van het sternum en/of de schedel, bij doses die de klinische benaderden. Bij drachtige 
ratten kwam hypocalciëmie voor en mortaliteit bij deze die mochten werpen. Er is geen bewijs van 
teratogenese bij 3,2 mg/kg/dag bij ratten en 10 mg/kg/dag bij konijnen, doch slechts gegevens van een 
 Pagina 7 van 9 
 

Risedronaatnatrium Mylan 5 mg, filmomhulde tabletten 
SmPC (Augustus 2010) 
beperkt aantal konijnen zijn beschikbaar. Toxiciteit bij de moeder belette het testen van hogere doses. 
De studies betreffende genotoxiciteit en carcinogenese wijzen niet op specifieke risico’s voor de mens. 
 
 
6. FARMACEUTISCHE 
GEGEVENS 
 
6.1 
Lijst van hulpstoffen 
 
Tabletkern: 
Gepregelatineerd zetmeel, (maïs) 
Microkristallijne cellulose 
Crospovidon 
Magnesiumstearaat 
 
Filmomhulling: 
Hypromellose 
Lactosemonohydraat 
Titaandioxide (E171) 
Macrogol 4000 
 
6.2 
Gevallen van onverenigbaarheid 
 
Niet van toepassing. 
 
6.3 Houdbaarheid 
 
3 jaar 
 
6.4 
Speciale voorzorgsmaatregelen bij bewaren 
 
Voor dit geneesmiddel zijn er geen speciale bewaarcondities.  
 
6.5 
Aard en inhoud van de verpakking 
 
Opaque PVC/PE/PVDC/Aluminium blisterverpakking in een kartonnen doos. 
Verpakkingsgrootten: 14 of 28 tabletten. 
 
Niet alle genoemde verpakkingsgrootten worden in de handel gebracht. 
 
6.6 
Speciale voorzorgsmaatregelen voor het verwijderen <en andere instructies> 
 
Geen bijzondere vereisten. 
 
 
7. 
HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN 
 
Mylan B.V. 
Dieselweg 25 
3752 LB Bunschoten 
 
8. 
NUMMER(S) VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE HANDEL BRENGEN 
 
RVG 106385 
 
 
 Pagina 8 van 9 
 

Risedronaatnatrium Mylan 5 mg, filmomhulde tabletten 
SmPC (Augustus 2010) 
9. 
DATUM VAN EERSTE VERLENING VAN DE VERGUNNING/HERNIEUWING VAN 
DE VERGUNNING
 
 
Datum van eerste verlening van de vergunning: 5 augustus 2010 
 
10. 
DATUM VAN HERZIENING VAN DE TEKST 
 
Laatste gedeeltelijke herziening: 30 september 2010, betreft rubrieken 4.2, 4.4, 4.6, 4.8 en 4.9 
 
 Pagina 9 van 9 
 





« Vorige
[Risedronaatnatrium wekelijks 35 A filmomhulde tabletten 35 mg]
Volgende »
[Risedronaatnatrium Mylan 5 mg, filmomhulde tabletten]