TNO ontwikkelt methode voor snelle bepaling van ‘glycaemische index’ en verteerbaarheid koolhydraten

Nieuws van: TNO Kwaliteit van Leven
TNO heeft de traditionele Englyst-methode voor de analyse van zetmeelhoudende voedingsmiddelen aanmerkelijk verbeterd. Fabrikanten kunnen er nu de Glycaemische Index (G.I.) van voedingsmiddelen mee voorspellen en producten screenen op zowel snel en langzaam verteerbare koolhydraten alsook op voedingsvezels. Deze Glycaemische TNO Index (GtI) methode is een snel, eenvoudig en betrouwbaar alternatief voor dure humane studies.

Welvaartsziekten
De belangstelling voor de G.I. van voedingsmiddelen en de verteerbaarheid van koolhydraten is de laatste jaren flink toegenomen. Producten met een lage G.I. en langzaam verteerbare koolhydraten kunnen bijdragen aan het voorkomen van overgewicht en diabetes. Deze producten zorgen voor een geleidelijke afgifte van glucose aan het bloed. Mogelijk hebben ze een hogere verzadigingswaarde dan producten met een hoge G.I., wat de voedselinname vermindert.

De traditionele Englyst-methode, die stamt uit de jaren negentig, is bedoeld voor een snelle bepaling van de verteerbaarheid van zetmeelhoudende voedingsmiddelen. De koolhydraten in de onderzochte producten worden ingedeeld in drie categorieën. Die categorieën geven aan of, en zo ja hoe snel glucose beschikbaar komt. Nadeel van de oude techniek is dat het verloop van het verteringsproces niet gemeten wordt en dat niet alle koolhydraatsplitsende enzymen die in de dunne darm voorkomen worden gebruikt. Dat geldt bijvoorbeeld voor het enzym lactase, dat melksuikers splitst.

Verteringssnelheid voorspellen voor meer soorten koolhydraten
TNO heeft de Englyst-methode zodanig verbeterd dat zij een betrouwbaar beeld geeft van de vertering in de tijd. De glucose die vrijkomt bij de afbraak van de koolhydraten - ook wel de glucoserespons genoemd - wordt op meerdere tijdstippen bepaald. Dit geeft inzicht in de verteringssnelheid en maakt het mogelijk de G.I. van voedingsmiddelen te voorspellen.

Aan de cocktail van verteringsenzymen die bij de analyses wordt gebruikt zijn extra dunne darm enzymen toegevoegd. Hierdoor kan de verteerbaarheid van alle in voedingsmiddelen aanwezige koolhydraten bepaald worden. Op dit moment is TNO een onderzoek gestart om ook het voedingsvezelgehalte met deze methode te kunnen vaststellen, inclusief een classificatie in typen voedingsvezel (oplosbare, onoplosbare en laagmoleculaire voedingsvezels).

De toepassing
TNO heeft de GtI-methode met succes getest voor verschillende koolhydraten en voedingsmiddelen. De methode kan ook worden ingezet als routinematige screening van koolhydraatingrediënten voorafgaand aan G.I.-bepalingen via humane studies. Binnen enkele dagen kunnen meerdere koolhydraatingrediënten gelijktijdig worden gescreend. Uit deze screening kan het meest belovende ingrediënt worden geselecteerd voor de humane studie.

Voorspellingen van de G.I. op basis van de techniek komen goed overeen met resultaten uit humane studies (met een correlatiecoëfficiënt van 0,85). Een humane studie is kostbaar en tijdrovend. Dankzij deze techniek kunnen in-vivo studies gestart worden die een grotere kans van slagen hebben. Dit kan de doorlooptijd van productontwikkeling aanmerkelijk verkorten.
www.tno.nl - 18 okt 2006



« Vorige
[Meer oudere huisartsen gaan waarnemen]
Volgende »
[Einde aan misleidende voedingsclaims]

Gevonden op deze pagina: