Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC)

Eerste succesvolle klinische studie met RNA-geneesmiddel bij Duchenne

Nieuws van: Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC)
Leids Universitair Medisch Centrum en Prosensa B.V. publiceren eerste succesvolle klinische studie met RNA-geneesmiddel PRO051 bij Duchenne spierdystrofie in New England Journal of Medicine

Nieuw RNA-geneesmiddel PRO051 gaat door naar fase I/II van klinische studies naar DMD.

Het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) en biotechbedrijf Prosensa hebben vandaag in het New England Journal of Medicine (van Deutekom et al.) de positieve resultaten bekendgemaakt van het eerste onderzoek wereldwijd met het RNA geneesmiddel PRO051 bij vier patiënten met Duchenne spierdystrofie (DMD), waarbij PRO051 de aanmaak van dystrofine heeft hersteld in de behandelde spiervezels van alle vier patiënten die getest werden.

In deze studie kregen DMD-patiënten met een leeftijd tussen 10 en 13 jaar een eenmalige injectie met PRO051 (een 2'-O-methyl antisense oligonucleotide) toegediend in een klein gebied van een spier in het onderbeen. In een biopt dat 4 weken later werd genomen, lieten de meeste spiervezels nieuwe aanmaak van dystrofine zien, in een hoeveelheid die naar verwachting klinisch significant is.

Deze pilot-studie is de allereerste studie die werd uitgevoerd met een op RNA gebaseerd geneesmiddel voor DMD en betekent een grote stap voorwaarts in de behandeling van deze ernstige ziekte waarvoor tot nog toe geen behandeling beschikbaar is. Nu er een eerste bewijs voor werkzaamheid is gevonden, is Prosensa begonnen met de voorbereidingen voor een klinische fase I/II studie naar de toepassing en veiligheid van herhaalde systemische injecties van PRO051.

Gerard Platenburg, CEO bij Prosensa, benadrukt: "Deze eerste klinische studie toont aan dat PRO051, een RNA-geneesmiddel gebaseerd op onze "exon-skipping" technologie, de genetische fout kan corrigeren in lokaal geïnjecteerd spierweefsel van patiënten met Duchenne spierdystrofie. Wij zijn zeer verheugd dat wij klinisch bewijs gevonden hebben voor dit werkingsmechanisme en zullen doorgaan met het onderzoek naar PRO051 in systemische fase I/II studies om te beoordelen hoe en in hoeverre de patiënten baat kunnen hebben bij de behandeling. De op RNA gebaseerde geneesmiddelen zijn veelbelovend als het gaat om de ontwikkeling van een geheel nieuwe groep van innovatieve geneesmiddelen en wij zijn er klaar voor om deze gelegenheid aan te grijpen."

Professor Gertjan van Ommen, die samen met zijn collega's dr. Judith van Deutekom en dr. Jan Verschuuren verantwoordelijk is voor het onderzoek in het LUMC, deelt mee: "Er is geen betere beloning denkbaar voor onze acht jaar voorbereidend werk dan deze wijdverbreide aanmaak van dystrofine in de spierbiopten. De sterke aanmaak na slechts een eenmalige injectie bij alle vier patiënten, die verschillende mutaties hadden, wijst op een robuust effect. De resultaten vormen een uitstekende basis voor verdere studies met systemisch toediening".

Professor Eric Hoffman, een van de pioniers die in 1987 dystrofine aanwees als het ontbrekende eiwit bij DMD, merkt in een becommentariërend artikel op dat "het artikel van Van Deutekom et al. het tijdperk van de gepersonaliseerde, moleculaire geneeskunde kan inluiden".

Elizabeth Vroom, voorzitter van United Duchenne Parent Projects Muscular Dystrophy benadrukt het enthousiasme binnen de patiëntengemeenschap: "Overal ter wereld zijn de ouders van Duchenne-patiënten ongelooflijk enthousiast over de veelbelovende resultaten van de eerste exon-skipping studie, die plaatsvond in Nederland. Wij waarderen de door het onderzoeksteam verrichte inspanningen in deze studie geweldig en wij hopen vurig dat de volgende fase eveneens positieve resultaten op gaat leveren."

Over DMD en exon-skipping
Duchenne spierdystrofie is een ernstige, neuromusculaire aandoening die in de kindertijd optreedt en ernstige spierzwakte veroorzaakt; het komt voor bij 1 op de 3500 pasgeboren jongens. De jonge patiëntjes lijden aan een progressief verlies van spierkracht doordat het eiwit dystrofine ontbreekt; zij komen daardoor nog voor hun twaalfde jaar in een rolstoel terecht en de meeste van hen overlijden als jong-volwassenen aan ademhalingsproblemen en hartfalen. Er is tot op heden nog geen behandeling die de fatale afloop kan voorkomen. De aandoening wordt veroorzaakt door mutaties van het DMD-gen, waardoor het dystrofine-eiwit ontbreekt dat essentieel is voor de integriteit van de spiervezelmembranen.

Het meest veelbelovend voor de behandeling van Duchenne spierdystrofie zijn momenteel de op RNA gebaseerde geneesmiddelen, met name de antisense oligonucleotiden die exon-skipping bewerkstelligen. Deze antisense oligonucleotiden hebben het vermogen om een stukje van het gen over te laten slaan en daarmee het uitlezen van de dystrofine code te corrigeren, waardoor de synthese van een grotendeels functioneel dystrofine-eiwit kan plaatsvinden. Verschillende mutaties van het gen zullen met verschillende oligonucleotide-geneesmiddelen moeten worden behandeld. PRO051, het eerste middel van deze groep, zal geschikt zijn voor 13% van alle DMD-patiënten, omdat het een groep van mutaties kan behandelen.
www.lumc.nl/0000/13043/13073/80728110255185 - 27 dec 2007



« Vorige
[Run op apotheek om eigen risico]
Volgende »
[Streekziekenhuis Koningin Beatrix krijgt openbare apotheek]